maandag 27 augustus 2018

Als je je eigen familie niet verstaat | Column wijkvrijwilliger Trudeke Sillevis Smitt

Wijkvrijwilliger Trudeke Sillevis Smitt

Trudeke Sillevis Smitt vertelt in een serie columns over haar ervaringen als wijkvrijwilliger bij VluchtelingenWerk Amsterdam. Wat houdt het werk precies in? Wat zijn de leuke kanten? En wat leert ze zelf van haar bezoeken aan de Iraanse Giti?

Oké, ik moet de eerste oma nog tegengekomen die niet gek is op een kleinzoontje van twee. Maar bij Giti en Julian lijkt de band extra sterk. Ze is in het algemeen best nuchter (behalve als het over het geloof gaat), en haar gelaatsuitdrukking kan onwillekeurig een beetje streng zijn. Maar als ze over Julian praat dan verandert er iets – een zachte gloed in haar ogen, tederheid in haar stem.

Laatst zei ze opeens: ‘Ik heb hem nog één of twee jaar’. Het klonk een beetje eng.
“Wat bedoel je?’ vroeg ik.
‘Met mijn kleindochters kan ik niet praten,’ ging Giti verder. ‘Ze zeggen alleen: “hallo oma…”, en “dank je wel voor het lekkere eten, oma”. Dan gaan ze naar hun kamer.’

Aha. De taal. Bij de dochter van Giti thuis wordt Nederlands gesproken. Haar dochter is veel eerder uit Iran weggegaan dan Giti, haar Nederlands is vlekkeloos en ze heeft een Nederlandse man. Giti’s kleinkinderen spreken dus maar een klein beetje Farsi. Haar schoonzoon trouwens ook.

Met een kind van twee maakt taal natuurlijk nog niet veel uit – brabbeltaal is internationaal. Maar met oudere kinderen spreek je hun taal, of het wordt stil. Dan ‘heb’ je ze niet meer. Giti spreekt wel wat Nederlands, maar een gesprek over dingen die ertoe doen met een ongeduldige tiener – dat zal lastig zijn. Moet je je indenken dat je gezellig aan tafel zit met je dochter en haar gezin, en dat je driekwart van het gesprek niet kan volgen.

Natuurlijk, Giti heeft geluk dat zij en haar directe familie veilig in Europa kunnen leven. Maar in bijna alle facetten van haar leven heeft ze te kampen met nare gevolgen van de vlucht.

Haar baan als onderwijzeres is ze kwijtgeraakt, en in Nederland zal ze nooit meer aan de bak komen. Haar eigen flat in Teheran – weg. Bezoekjes aan familie en vrienden in Iran – voorbij. Kort geleden overleed Giti’s broer – ze kon niet bij zijn begrafenis zijn.

Van haar verleden afgesneden, en maar half betrokken bij de toekomst. We moeten vaart maken met de taal, bedenk ik. We moeten eens wat kinderboeken gaan lezen, dan leert ze met Julian mee. Er is genoeg verlies geweest. Giti moet haar kleinzoon zien te houden.

Ook vrijwilliger worden?

Deel dit met anderen