maandag 13 juli 2015

Duidelijke taal! | Column taalcoach Edith Tulp

Edith Tulp vertelt in een serie columns over haar ervaringen als taalcoach. Wat houdt het werk precies in? Wat zijn de leuke kanten? En wat leer je er zelf van? In deze column: hoe leg je een vluchteling ingewikkelde grammaticaregels uit?

Column van taalcoach Edith TulpAbacadabra

Wat is het verschil tussen: Ik kan niet komen, want ik ben ziek en ik kan niet komen, omdat ik ziek ben?

Vragend duwt Robert me zijn schrift onder de neus waarin hij de zinnen heeft uitgeschreven. "Er is geen verschil," begin ik aarzelend en ik realiseer me tegelijkertijd dat dit niet het correcte antwoord is. Hoe leg ik hem dit nu uit? In het Nederlands nog wel. "Je kunt het op twee verschillende manieren zeggen," probeer ik dus. "Maar wat is dan het verschil?" vraagt hij. Ik graaf in mijn geheugen op zoek naar wat ik vroeger aan grammatica heb geleerd, diep weggezakt in de krochten van mijn brein, en vind het niet. Eens te meer besef ik dat wat zo vanzelfsprekend voor mij is, abacadabra voor anderstaligen is. Ook in het Engels dat Robert goed beheerst, kom ik er niet uit.

Toch?

Robert komt elke week wel met dit soort grammaticale kwesties. Wederkerige voornaamwoorden, de’s en het’s, en ook stopwoorden die zo typisch Hollands zijn. Toch? Toch. Ook zo’n woord. Ik kan dat vertalen met isn’t it?. Maar zonder vraagteken betekent het weer iets anders.

Engels: de grootste valkuil

Nederlands doceren is een vak apart. Vandaar dat de verleiding groot is in het Engels over te gaan. En Engels is nou juist de grootste valkuil. Het is een reden om helemaal geen Nederlands te hoeven leren. In dit land kan immers iedereen prima met Engels uit de voeten. In Amsterdam, waar we beiden wonen, word je zelfs als Nederlander in winkels regelmatig aangesproken in het Engels en er is geen restaurant te vinden dat zijn gerechten niet in het Engels aanbiedt.

Uitleggen wat Pasen is

Toch krijg je sneller onze taal onder de knie als je consequent bent in het spreken van Nederlands. Zoals een collega taalcoach dat probeert te doen met een Syrische cliënt die Nederlands noch Engels spreekt. Een uitdaging op zich, vertelde hij me, met soms hilarisch resultaat. Zo wilde hij uitleggen wat Pasen is. "Stond ik daar in zijn kamer en probeerde ik Jezus aan het kruis na te doen. Ik weet niet of hij het begrepen heeft."

Een week later ontvang ik een e-mail van Robert: "Ik kan niet naar stad komen. Ik heb een probleem. Met gezondheid. Dank u." Dat is tenminste duidelijke taal!

Ook vrijwilliger worden?

Zoek hier naar vrijwilligersvacatures bij jou in de buurt.

Wil je onze nieuwsbrief ontvangen?

Volg ons via: