Een spaak in het integratiewiel

Sinds 1979 biedt VluchtelingenWerk maatschappelijke begeleiding aan vluchtelingen. De praktische en emotionele ondersteuning is onmisbaar voor vluchtelingen die op het punt staan een nieuw leven te beginnen in Nederland. Maar door de nieuwe Wet inburgering bestaat de kans dat maatschappelijke begeleiding wordt ingeperkt of overgenomen door gemeenten. Wat zijn de gevolgen?

Tijdens zijn vurige betoog over het belang van maatschappelijke begeleiding gaat de telefoon van vrijwilliger Jilly van den Ameele (76) meer dan eens af. De bellers zijn allemaal oud-cliënten: vluchtelingen die nieuw zijn in Terneuzen en bezig met hun inburgering. Met het oog op de nieuwe inburgeringswet zegde de gemeente Terneuzen afgelopen juli de samenwerking met VluchtelingenWerk op en besloot de maatschappelijke begeleiding zelf uit te gaan voeren.

Sinds die tijd schiet de begeleiding flink tekort, stelt voormalig maatschappelijk be-geleider Jilly: ‘Ik probeer vluchtelingen uit te leggen dat ik ze niet meer mag helpen, maar dat lukt me niet altijd. Soms heb ik zelfs geen zin om naar het centrum te gaan, want ik kom altijd oud-cliënten tegen die vol met vragen zitten. Het is moeilijk, maar ik kan hen niet blijven helpen omdat ik de gemeente geen extra argumenten in handen wil geven om te kunnen zeggen dat het goed gaat met de nieuwkomers in Terneuzen.’

'Integreren in Nederland was een eenzame, lege periode en ik wist niet waar ik moest beginnen om die leegte op te vullen.'


In 2021 gaat de nieuwe Wet inburgering van start. Vanaf die tijd ligt de regie niet langer bij de vluchteling, maar is de gemeente verantwoordelijk voor het inburgeringsbeleid. VluchtelingenWerk is blij met de nieuwe wet, maar maakt zich zorgen over de invulling. Het komt er nu op aan dat gemeenten de juiste keuzes maken en maatschappelijke begeleiding een goede plek geven in hun inburgeringsaanbod [Zie kader onderaan deze pagina, red.].

Grote kracht van vrijwilligers

Dat sommige gemeenten de maatschappelijke begeleiding niet succesvol uitvoeren, heeft volgens Jilly alles te maken met de aard van het werk en de beperkte tijd en aandacht die ambtenaren kunnen geven. ‘De maatschappelijke begeleiding van VluchtelingenWerk steunt op de vrijwillige, f lexibele en deskundige inzet van vrijwilligers. Zij bouwen een vertrouwensband op met vluchtelingen en staan vaak ook in de avonduren en weekenden paraat. Die ondersteuning is niet alleen op praktische hulp ingericht, maar ook gericht op het welzijn. Vrijwilligers zijn onaf hankelijk en kijken naar hun cliënten als individu, met ieder hun eigen situatie en achtergrond. Daarin schuilt de grote kracht en meerwaarde. Gemeen-teambtenaren draaien bovendien maar één of twee spreekuren per week. Vluchtelingen staan te springen om aandacht, maar een ambtenaar zegt rustig: “Komt u later maar terug.”’

Ook Naira Hovsepyan – teamleider maatschappelijke begelei-ding van VluchtelingenWerk in Edam – maakt zich zorgen over de ontwikkelingen in haar gemeente rond de nieuwe Wet inburgering. ‘Als gemeenten de maatschappelijke begeleiding zelf willen doen, moeten ze niet alleen de rol van de handhaving op zich nemen, maar ook de rol van belangenbehartiging. En dat wordt lastig, want voor vluchtelingen is het heel moeilijk om de overheid te vertrouwen. Juist de vertrouwensband tussen vrijwilliger en vluchteling is zo belangrijk. Zonder die band loopt de integratie vaak spaak.’

Eenzame, lege periode

De Syrische Amjad Al Katta woont sinds 2016 in Terneuzen en kreeg daarom nog begeleiding van VluchtelingenWerk. Zijn begeleider: Jilly van den Ameele. Amjad kan zich niet voorstellen hoe zijn integratie was verlopen zonder Jilly’s steun. ‘Het was een eenzame, lege periode waarin ik niet wist waar ik moest beginnen om die leegte op te vullen. Gelukkig had ik Jilly. Ik zag hoe op-recht zijn aandacht was en dat hij alles wat in zijn macht lag inzette om mij te helpen. Hij wenste voor mij het beste en dat is mij altijd bijgebleven. Jilly werd mijn steun en toever-laat. Zonder hem zou ik veel minder bereikt hebben dan nu het geval is.’

‘Gemeenten hebben soms één belang: mensen zo snel mogelijk uit hun uitkering halen’


Verderop in Zeeland, in de gemeente Goes, weet wethouder André van der Reest (SGP/ChristenUnie) hoe moeilijk het is voor vluchtelingen om hun plek te vinden in de Neder-landse maatschappij. De wethouder erkent de belangrijke rol van VluchtelingenWerk en ging eerder dit jaar met de organisatie langs bij een Syrisch gezin. ‘Ik vond het heel bijzonder om te zien hoe betrokken en behulpzaam de maatschappelijke begeleider van Vluchte-lingenWerk was’, vertelt hij. ‘Niet alleen bij de formele regelzaken, ook als emotionele steun voor het gezin. Het is een werkwijze van VluchtelingenWerk die een heel cruciale functie heeft.’

Dubbele belangen

Wethouder Van der Reest is enthousiast over de nieuwe inburgeringswet en heeft zin om aan de slag te gaan. ‘Het gaat ons helpen om als gemeente dichter bij deze mensen te komen’, vertelt hij. ‘Waar we nu maar een klein stukje verantwoordelijkheid nemen, kijken we straks naar alle zaken rond de inburgering: werk, woning, onderwijs, zorg en welzijn. We zijn hier niet aan gewend, maar ik ben er blij mee. De gemeente moet haar verantwoordelijk-heid pakken.’‘

Maar wat gebeurt er als iemand straks niet op tijd is ingeburgerd?’ vraagt teamleider Naira Hovsepyan zich hardop af. ‘In de gemeente Edam biedt VluchtelingenWerk anderhalf jaar maat-schappelijke begeleiding. Voor vluchtelingen die hoogopgeleid zijn en Engels spreken is dat vaak genoeg. Maar vluchtelingen die analfabeet zijn of minder goed kunnen leren, redden het niet in die tijd. Ik ben bang dat gemeenten mensen gaan beboeten als ze niet op tijd klaar zijn, met mogelijke betalingsachterstanden en uithuiszetting als gevolg. Dat zal geen goed begin zijn voor deze mensen.’

De zorgen van Naira worden in de gemeente Terneuzen werkelijkheid, nu nieuwe vluchtelinggezinnen alleen nog contact hebben met de gemeente. ‘Het contact tussen de gemeente en vluchtelingen verloopt moeilijk’,  zegt Amjad Al Katta. ‘Ambtenaren hebben niet de tijd en ervaring om deze mensen goed te begeleiden. Zij hebben slechts één belang: mensen zo snel mogelijk uit hun uitkering halen. Vluchtelingen vrezen verkeerde adviezen die hun problemen alleen maar verergeren en hebben geen vertrouwen meer in de gemeente. Zij zijn zelfs bang geworden door hun dreigementen. De gemeente steekt een spaak in het wiel van hun integratie en vormt een barrière tussen hen en de Nederlandse samenleving.’

Mogelijk succesverhaal

Veel Syrische vluchtelingen vragen Amjad nu om advies, vertelt hij. ‘Omdat ik hier al langer ben, probeer ik hen met alles te hel-pen. Deze mensen moeten de Nederlandse taal nog leren en lopen tegen allemaal problemen aan: met belastingen, de zorgverzekeraar en meer. Hun leven is een chaos en het is heel pijnlijk om te zien hoe het elke dag erger wordt.’

In de gemeente Goes is er geen sprake van het opzeggen of inperken van de samenwerking met VluchtelingenWerk. Wethouder André van der Reest: ‘Omdat het werk van VluchtelingenWerk zo waardevol is, leggen we al jarenlang veel belangrijke taken bij hen neer. VluchtelingenWerk heeft deskundige medewerkers en vrijwilligers in huis, die vaak ook uit andere culturen komen en nieuwkomers goed begrijpen. Ook dat vind ik heel belangrijk.’

De nieuwe inburgeringswet kan echt een succesverhaal worden als de samenwerking tussen de gemeente en vrijwilligersorganisaties blijft bestaan, zegt teamleider Naira Hovsepyan: ‘Als VluchtelingenWerk hebben we decennialang ervaring met maatschappelijkebegeleiding en een goed contact met de gemeente. We moeten samenwerken om vluchtelingen de juiste begeleiding aan te blijven bieden. Alleen zo kunnen we hun integratie in Nederland tot een succes te maken.’

Tekst: Hazem Darwiesh

De dubbele pet van de gemeente

We krijgen signalen binnen dat enkele gemeenten de nieuwe wet aangrijpen om de bestaande afspraken rond maatschappelijke begeleiding te veranderen’, zegt Erna Lensink, beleidsmedewerker bij VluchtelingenWerk Nederland. ‘Zo wil de ene gemeente de begeleiding korter gaan aanbieden, en denkt een andere gemeente dat de begeleiding professioneler kan, met minder vrijwilligers. Maar gemeente-ambtenaren hebben echt een andere rol dan onze vrijwilligers. Hun begeleiding is minder intensief en daarnaast niet onafhankelijk: zij kunnen immers sancties opleggen als de inburgering van een vluchteling niet goed verloopt. Het is die dubbelrol die voor vluchtelingen heel onprettig voelt. Bovendien hoeft er ook niets te veranderen onder de nieuwe inburgeringswet, dat staat nergens. Ik vrees dat de toch al grote verschillen in het huidige begeleidingsaanbod tussen gemeenten straks alleen maar groter worden als de nieuwe wet in juli 2021 in werking treedt.’

Onderzoeksbureau Significant deed onderzoek naar de waarde van maatschappelijke begeleiding. Bekijk hier de onderzoeksresultaten.

Wil je onze nieuwsbrief ontvangen?

Volg ons via: