Hoeveel woningen gaan nou echt naar statushouders?
In discussies over de woningnood duikt één onderwerp steeds weer op: statushouders en sociale huurwoningen. Op social media en in debatten vliegen de cijfers je om de oren. Maar wat klopt er? Hoeveel woningen gaan er écht naar statushouders? We zetten de feiten voor je op een rij.
Het aantal woningen voor statushouders
De cijfers onder elkaar:
Nederland heeft ongeveer 2,3 miljoen sociale huurwoningen. Elk jaar komen er gemiddeld zo’n 164.000 woningen vrij. Veel van deze woningen gaan naar doorstromers: mensen die al een sociale huurwoning hebben en verhuizen naar een andere woning.
Uiteindelijk blijven er jaarlijks ongeveer 38.000 woningen over voor starters. Dat zijn mensen die nog geen sociale huurwoning hebben. Tegelijkertijd zijn er meer dan 500.000 mensen op zoek naar een woning.
In de periode 2018 tot en met 2023 gingen gemiddeld ongeveer 9.700 sociale huurwoningen per jaar naar statushouders. Dat is ongeveer 6% van alle vrijgekomen sociale huurwoningen.
Kijken we alleen naar woningen voor starters, dan gingen er ongeveer 5.000 woningen per jaar naar nieuwe statushouders. Dat is zo’n 13% van deze woningen.
Is dat niet veel?
Als je naar percentages kijkt, lijkt 13% van de starterswoningen misschien veel. Maar in verhouding tot het totale woningtekort is het aandeel weer klein.
Nederland heeft namelijk een tekort van ongeveer 400.000 woningen. Daarvan gaan jaarlijks ongeveer 5.000 woningen naar statushouders.
Kortom, de discussie gaat ieder jaar weer over slechts 1,25% van het hele probleem.
Verwarring over aantallen
In het publieke debat worden soms verschillende aantallen genoemd. Zo hoor je weleens dat geen 5.000 maar 30.000 statushouders per jaar een woning krijgen.
Dat getal klopt, maar gaat over 30.000 mensen, niet over woningen.
Veel statushouders krijgen een woning als gezin. Eén woning kan dus meerdere mensen huisvesten. Daardoor lijkt het soms alsof er meer woningen naar statushouders gaan dan in werkelijkheid het geval is.
Waarom krijgen vluchtelingen voorrang op een huurwoning?
Gemeenten zijn verplicht om ieder jaar een aantal statushouders woonruimte te bieden (‘taakstelling’). Statushouders zijn mensen die asiel hebben gekregen en dus in Nederland mogen blijven.
Die taakstelling heeft een praktische reden. Pas met een woning kunnen mensen echt beginnen met hun nieuwe leven: werk zoeken, een opleiding volgen en hun kinderen naar school laten gaan.
Zonder woning blijven statushouders langer in opvanglocaties. Dat is duur. Statushouders die een woning krijgen, betalen gewoon huur zoals andere huurders. Een plek in een reguliere opvanglocatie kost echter ongeveer €91 per dag, en in de noodopvang zelfs zo’n €184 per dag. Snellere huisvesting kan dus ook geld besparen.
Het echte probleem: te weinig woningen
Statushouders vormen een relatief kleine groep (1,25%) van alle woningzoekenden. Veel onderzoekers wijzen op het echte probleem: er zijn simpelweg te weinig betaalbare woningen gebouwd. Nederland heeft behoefte aan:
Meer sociale huurwoningen
Kleinere woningen voor kleine huishoudens
Woningen voor ouderen
Woningen die doorstroom mogelijk maken
De oplossing voor de woningnood ligt dan ook niet in het aanwijzen van één groep. Maar in het beschikbaar maken van meer, betaalbare woningen voor iedereen.
Geef voor vluchtelingen in Nederland
Mensen op de vlucht laten álles achter op zoek naar veiligheid. Met jouw steun komen we op voor de belangen van vluchtelingen en begeleiden hen van aankomst naar toekomst. Zodat ze vanaf dag één meedoen in de samenleving. Geef vandaag nog en maak het verschil.

