Vluchtelingen aan het werk: waarom vrouwen vaker vastlopen
In Nederland verwachten we dat vluchtelingen snel meedoen in de samenleving: integreren, werken, de taal leren. Maar in de praktijk lukt dat veel statushouders pas na jaren. En vrouwen lopen daarbij nóg verder achter. Waarom is dat zo? En wat kunnen gemeenten doen om deze vrouwen beter te ondersteunen?
Minder dan de helft leeft van werk
Het duurt vaak lang voordat statushouders werk vinden. Dit zeggen de huidige cijfers:
- Van de mensen die in 2014 een verblijfsvergunning kregen, werkte in 2023 ongeveer 55%. Maar niet iedereen kan daar ook van rondkomen. Voor slechts 47% was werk de belangrijkste bron van inkomen.
- Voor vrouwen liggen de cijfers een stuk lager. Slechts 18% van de vrouwelijke statushouders heeft na negen jaar werk als belangrijkste inkomstenbron. (Bron: CBS)
Het goede nieuws? Het aantal werkende vluchtelingen groeit de laatste jaren, onder meer door de afschaffing van de 24-weken eis. Als mensen de kans krijgen om te werken, maken ze daar vaak ook gebruik van.
De weg naar werk is lang
Om de cijfers te begrijpen, helpt het om te kijken naar de weg die statushouders eerst moeten afleggen.
- Wanneer vluchtelingen in Nederland asiel aanvragen, start hun asielprocedure. Dat duurt gemiddeld ongeveer twee jaar.
Is de asielvergunning toegekend? Dan krijgen zij de status van statushouder en volgt de wachttijd voor een woning. Dit kan nog zo’n zes tot twaalf maanden duren.
Pas daarna start meestal het inburgeringstraject in de gemeente. Daardoor kan het tot wel vijf jaar duren voordat iemand voldoende Nederlands spreekt om echt aan het werk te kunnen.
Daarnaast zijn er extra drempels. Sommige statushouders verhuizen gedwongen meerdere keren tussen opvanglocaties. Dat maakt het lastig om een opleiding of baan vol te houden. Ook worden buitenlandse diploma’s niet altijd meteen erkend.
Tegelijk is het combineren van werk met een intensief inburgeringstraject vaak erg moeilijk. En vragen veel werkgevers ook nog eens een hoog niveau Nederlands.
Vrouwen krijgen minder ondersteuning
Voor vrouwen blijkt de weg naar werk nog ingewikkelder.
Onderzoek laat zien dat zij minder ondersteuning krijgen bij het vinden van werk. Daardoor lopen ze sneller achter in het integratieproces. In de praktijk richten gemeenten hun begeleiding bij stellen vaak vooral op één partner: de man.
Daar zijn verschillende redenen voor. Zo wordt de man soms als ‘kansrijker’ op de arbeidsmarkt gezien. Ook is er niet altijd voldoende kennis over mogelijkheden voor kinderopvang. En bij jonge kinderen worden zorgtaken vaak automatisch bij de vrouw gelegd.
Gemeenten kunnen het verschil maken
Nederland verwacht dat statushouders zo snel mogelijk meedoen in de samenleving. Maar wie a zegt, moet ook b zeggen. Gemeenten kunnen hierin een belangrijke rol spelen. Bijvoorbeeld door vrouwen actief te begeleiden naar werk en beter te informeren over kinderopvang.
Meer gelijke kansen tijdens de inburgering kunnen ervoor zorgen dat ook vrouwen sneller hun weg naar werk vinden. En daarmee volwaardig kunnen meedoen in de samenleving.
Kom ook op voor vluchtelingen
Iedereen verdient een eerlijke behandeling en een veilige plek om te leven. Jouw donatie helpt ons om druk op de politiek te zetten voor een rechtvaardig vluchtelingenbeleid, duidelijke procedures en menswaardige opvang. Kom samen met ons op voor mensen op de vlucht.
