Nieuws, 11 februari 2022

Zes vragen over asielzoekers uit veilige landen en overlast

De afgelopen tijd is er veel aandacht voor asielzoekers uit zogenoemde ‘veilige landen’. Het is bekend dat een groot deel van de overlast in en rond een aantal azc’s wordt veroorzaakt door asielzoekers uit deze landen. Ondanks extra handhaving lukt het nog niet om deze overlast structureel op te lossen. Zes vragen en antwoorden over asielzoekers uit veilige landen.
placeholder

1 Wat zijn 'veilige landen'?

Nederland heeft een lijst opgesteld met veilige landen van herkomst. Deze lijst wordt gebruikt door de IND om te bepalen of een asielverzoek kansrijk is. Omdat het overgrote deel van de asielzoekers uit deze landen geen gevaar loopt, worden deze asielverzoeken sneller beoordeeld. Het gaat om relatief stabiele landen waarvan bekend is dat er in principe geen mensen worden vervolgd of gemarteld. De overheid kan je er beschermen als dat nodig is. Je mag er zijn wie je bent, je mag je mening uiten en je geloof belijden. Althans, dat is de theorie. In de praktijk heeft een klein deel van de asielzoekers uit veilige landen een heel goede reden om asiel aan te vragen.

Gemiddeld zo’n 2 procent van hen krijgt uiteindelijk toch een asielvergunning, blijkt uit cijfers van Eurostat en de Rijksoverheid (zie vraag 2). Het gaat dan bijvoorbeeld om (politiek) activisten, kritische journalisten of LHBTI-asielzoekers. De term ‘veilig land’ is daarom deels misleidend: ook in deze landen is het voor sommige mensen niet veilig. Daarom is het belangrijk dat asielverzoeken uit deze landen goed beoordeeld worden. Of een land als ‘veilig’ wordt gezien, bepaalt dus alleen de snelheid van de procedure en niet of iemand asiel krijgt.

2 Om hoeveel mensen gaat het, en waar komen ze vandaan?

Vorig jaar kwam ongeveer 4% van de asielverzoeken van een asielzoeker uit een veilig land van herkomst (cijfers IND). De grootste groep komt uit Marokko en Tunesië. De rest komt uit een groot aantal verschillende veilige herkomstlanden, maar de groep om wie het gaat is klein. Andere veilige herkomstlanden die in het verleden vaker voorkwamen zijn Albanië en Mongolië. Omdat deze asielverzoeken met voorrang worden behandeld en in bijna alle gevallen worden afgewezen, moeten asielzoekers uit veilige landen veel sneller de opvang verlaten. Hierdoor is het percentage asielzoekers uit veilige landen in de opvang nog lager dan het percentage van het aantal asielverzoeken.

Hoeveel van deze verzoeken worden ingewilligd, is te vinden op Eurostat, het bureau voor de statistiek van de Europese Unie. Ook de Rijksoverheid publiceert jaarlijks in ‘De staat van migratie’ hierover. Gemiddeld werd 98 procent van de asielverzoeken uit veilige landen over de afgelopen drie jaar afgewezen. Van het aantal beslissingen op asielaanvragen van asielzoekers uit Marokko werd vorig jaar (in 2021) 8,5 procent ingewilligd. Bij Algerijnen lag dat percentage op 4,3 procent.

3 Waarom komen ze naar Nederland?

Een klein deel van de asielzoekers uit veilige landen loopt daadwerkelijk gevaar en krijgt asiel. Maar het overgrote deel heeft duidelijk geen bescherming nodig tegen oorlog of vervolging. Het gaat vaak om jonge mannen die naar Europa zijn gegaan voor een betere toekomst. Zij willen niet terugkeren naar hun land van herkomst omdat ze daar geen perspectief zien of zich schamen voor hun familie dat ze in hun ogen gefaald hebben. Een groot deel van hen kampt met psychische problemen of zijn verslaafd.

De meesten weten dat ze geen kans maken op een verblijfsvergunning, maar maken misbruik van de asielprocedure om een tijdje in de opvang te kunnen blijven. Nadat hun asielverzoek is afgewezen, vertrekken ze vaak weer uit Nederland of belanden in de illegaliteit. Om hoeveel mensen het gaat, is niet bekend. Een deel van deze groep vraagt vervolgens in een ander Europees land asiel aan om daar opnieuw een tijdje in de opvang te kunnen blijven.

4 Waarom worden asielzoekers uit veilige landen niet gewoon uitgezet?

De asielprocedure van asielzoekers uit veilige landen is zeer kort en wordt door de IND, die over de aanvragen gaat, met voorrang behandeld. Binnen enkele weken volgt in de meeste gevallen een afwijzing. Na een eventueel beroep moeten ze uiterlijk binnen 4 weken het land verlaten. Ook krijgen ze een inreisverbod voor twee jaar voor Nederland en de Europese Unie. Als blijkt dat een ander land verantwoordelijk is voor hun asielaanvraag, dan wordt er een Dublinclaim gelegd. Dat betekent dat Nederland aan bijvoorbeeld Duitsland verzoekt om de asielzoeker over te nemen. Ze verhuizen dan naar een azc en hun procedure kan dan wel vijf tot zes maanden duren.

Wie weigert te vertrekken kan gedwongen worden uitgezet, mits het land van herkomst daaraan meewerkt. Als een land niet meewerkt, dan is het onmogelijk om asielzoekers uit dat land op het vliegtuig te zetten. Marokko is daar een voorbeeld van. Asielzoekers uit die landen worden wel gedwongen de opvang te verlaten. Ze belanden op straat. Meestal vertrekken ze dan zelfstandig naar een ander land.

5 Wat wordt er gedaan tegen overlast?

In gemeenten waar relatief veel overlast is van deze groep, zoals Westerwolde (Ter Apel) en Cranendonck (Budel), waar de versnelde procedure voor asielzoekers uit veilige landen plaats vindt, wordt extra ingezet op handhaving. Met meer beveiligers en politie-inzet wordt geprobeerd overlast als winkeldiefstal en asociaal gedrag op straat en in het openbaar vervoer te voorkomen. En overlastgevers kunnen zo sneller worden gestraft. Tijdens de versnelde procedure krijgen zij geen leefgeld, hebben ze minder bewegingsvrijheid en worden ze extra in de gaten gehouden. Asielzoekers die ernstige overlast in een asielzoekerscentrum veroorzaken kunnen tijdelijk in een HTL (Handhaving- en toezichtlocatie) worden geplaatst. Toch heeft al deze inzet op handhaving en versobering maar een beperkt effect. Al jaren lukt het niet om de overlast van asielzoekers uit veilige landen helemaal op te lossen.

Wat vinden wij dat er moet gebeuren?

Het is ontzettend triest dat een relatief kleine groep overlastgevers het steeds weer verpest voor mensen die op de vlucht zijn voor oorlog of vervolging. Asielzoekers uit veilige landen die bewust een onterecht asielverzoek doen, maken misbruik van de asielprocedure en de opvang voor vluchtelingen. Vluchtelingen in de centra zijn hier op allerlei manieren de dupe van. Ze worden aangekeken op het gedrag van deze groep en voelen zich niet veilig in de opvang. En alle inzet van de schaarse capaciteit van de IND en het COA gaat ten koste van vluchtelingen voor wie die bedoeld is. Het draagvlak voor de opvang van asielzoekers staat door deze kleine groep enorm onder druk.

Wij pleiten ervoor dat dat de groep kansloze asielzoekers goed in kaart wordt gebracht en duidelijke terugkeerafspraken worden gemaakt met de landen van herkomst. Ook vinden we dat er geen Dublin-claims meer moeten worden gelegd aan mensen uit veilige landen omdat die procedure het voor deze groep ‘extra aanlokkelijk’ maakt om tijdelijk onderdak te vinden in Nederland. Nu nog wordt er vaak een Dublinprocedure gestart met het doel de asielzoeker terug te sturen naar het eerste EU-land waar hij of zij een aanvraag indiende. Maar deze procedures nemen maanden in beslag en zijn zinloos, omdat de persoon in kwestie vaak voor het einde van de procedure de opvang verlaat om zo niet aan een ander land overgedragen te kunnen worden. In onze ogen zou Nederland er goed aan doen om deze asielverzoeken zo snel mogelijk zelf af te handelen.

6 Wat vindt VluchtelingenWerk?

Asielzoekers uit veilige landen die bewust een onterecht asielverzoek doen maken misbruik van de asielprocedure en de opvang voor vluchtelingen. Vluchtelingen in de centra zijn hier op allerlei manieren de dupe van. Ze worden aangekeken op het gedrag van deze groep en voelen zich niet veilig in de opvang. En alle inzet van de schaarse capaciteit van de IND en het COA gaat ten koste van vluchtelingen voor wie die bedoeld is. Het draagvlak voor de opvang van asielzoekers staat door deze kleine groep enorm onder druk.

De extra inzet op handhaving en versobering heeft de afgelopen jaren niet genoeg effect gehad. Bovendien belanden ook asielzoekers die wel degelijk gevaar lopen in het versoberde opvangregime. Wij vinden dat er meer gedaan kan worden om te voorkomen dat overlastgevende asielzoekers uit veilige landen naar Nederland komen.

  • Maak terugkeerafspraken met veilige herkomstlanden

Overlastgevende asielzoekers uit veilige landen weten vaak heel goed dat ze niet uitgezet kunnen worden. Het maken van terugkeerafspraken is het meest effectieve middel om hun komst te ontmoedigen. Dit is in het verleden ook gelukt met landen als Albanië. Zoek hierin de samenwerking met andere EU-lidstaten op en oefen druk uit op landen die hier niet aan mee willen werken.

  • Wijs kansloze asielverzoeken uit veilige landen zelf af

In de EU is de afspraak dat het land waar een asielzoeker is binnengekomen verantwoordelijk is voor de asielprocedure. Veel overlastgevende asielzoekers uit veilige landen zijn al eerder in andere Europese landen geweest. Nederland start dan de ‘Dublin-procedure’ en vraagt een ander land om de asielzoeker terug te nemen.

Deze procedure duurt vaak maanden. Al die tijd houdt de asielzoeker recht op opvang. Terwijl het afwijzen van een asielverzoek slechts enkele weken kost. Bovendien vervalt na anderhalf jaar de mogelijkheid om een Dublin-procedure te starten. Asielzoekers kunnen ook daar misbruik van maken om opnieuw een asielverzoek te doen. Wij pleiten daarom voor het stoppen met Dublinprocedures voor asielzoekers uit veilige landen. Zo wordt hun periode in de opvang flink verkort en hun komst naar Nederland ontmoedigd.

  • Zorg voor gespecialiseerde begeleiding

Probeer deze jonge mannen die nergens perspectief hebben te bereiken met psychische zorg en goede terugkeerbegeleiding. Hier zal naar verwachting slechts een klein deel voor open staan. Maar goede begeleiding van overlastgevende asielzoekers met uiteenlopende (psychische) problemen is zowel in het belang van henzelf als van de samenleving.