Noodopvang voor Afghanen; Erna Muller vertelt over het Vluchtelingenwerk in Zoutkamp

Het klinkt zo eenvoudig: er wordt een noodopvang ingericht voor Afghaanse evacués. Los van de praktische kant zoals bedden, kleding en eten, is er persoonlijke aandacht nodig en goede voorlichting. VluchtelingenWerk is op de nieuwe locaties meteen aan het werk gegaan om mensen te begeleiden. Over haar werk in Zoutkamp, de eerste opvangplek, vertelt teamleider Erna Muller.

In verband met de snelle ontwikkelingen in Afghanistan en het evacueren van Afghaanse mensen naar Nederland, heeft het COA (Centraal Orgaan Asielzoekers) een noodopvang ingericht in Zoutkamp. Vanuit Vluchtelingenwerk werkt Erna Muller (teamleider Assen) daar aan het opzetten van een nieuw team. Tussen de bedrijven door maakt ze even tijd om iets te vertellen over haar werk.

Aanhoren en inventariseren

“Zodra duidelijk werd dat het COA een noodopvang in Zoutkamp ging inrichten, kwam vanuit Vluchtelingenwerk de vraag: wie heeft er nog uren om daar een team op te zetten. Ik had toevallig nog wat ruimte, waardoor ik de werkzaamheden in Zoutkamp kon oppakken.

Dat betekent dat je gaat kijken: wat is hier nodig, welke vrijwilligers zijn er en wat moet voor deze groep Afghanen de dienstverlening zijn.

Wat bij de Afghaanse evacués sterk speelt is dat veel gezinnen familieleden kwijt zijn. Ze moesten acuut vertrekken, zonder plan. Vaak kon niet iedereen tegelijk mee, of ze raakten elkaar kwijt in de chaos op het vliegveld, of iemand kwam in een verkeerd vliegtuig terecht. Veel van hun eerste vragen gaan daarover.

Wat je eerst doet is dus proberen in kaart te brengen bij wie dat speelt en wat wij kunnen doen. We hebben contact met het Ministerie van Buitenlandse Zaken om verzoeken te kunnen doen voor evacuatie van achtergebleven familie. Al heel snel werd die kans klein, maar mensen houden hoop en hebben de verwachting dat er nog wat mogelijk is.

Wat wij bij de start deden, was vooral de verhalen aanhoren en inventariseren: wie is het, zou er recht kunnen zijn op evacuatie, heeft het zin om iets ‘door te zetten’ naar BuZa. Elke keer moet je daarbij uitleggen dat de kans heel klein is. Het is wel zwaar vind ik, om de hele tijd verwachtingen te temperen en hoop weg te nemen. Toch merk je ook dat mensen het ondanks alles prettiger vinden dat je zo duidelijk mogelijk bent.

Nieuwe categorie

Er helpen nu veel verschillende mensen mee, met allerlei achtergronden en van diverse afdelingen binnen Vluchtelingenwerk. Geweldig dat zoveel mensen wilden meehelpen, naast hun andere werkzaamheden. In het begin werden ook hand- en spandiensten gevraagd door het COA, bij het ‘inhuizen’, helpen met eten uitdelen enzovoort. Dat is normaal gesproken geen taak van Vluchtelingenwerk, maar het gaf een speciale sfeer, iedereen werkte samen. Langzamerhand zijn we in Zoutkamp een eigen team aan het vormen met vrijwilligers en focussen steeds meer op de begeleiding die we normaal ook geven in de opvang.

Wat we nu aan het doen zijn, is nog steeds veel gesprekken voeren en proberen de registratie op orde krijgen. Als mensen nog niet zijn ingeschreven en er nog geen digitale dossiers zijn aangemaakt, is het lastig werken. Dan moet je alle gegevens uit gesprekken en mails of documenten steeds uitzoeken. Best ingewikkeld. We proberen steeds meer gegevens over te zetten naar ons cliëntvolgsysteem. Ook in een later stadium is dat registratiesysteem van belang voor het asielproces en gezinshereniging. We leggen nu eerst vast welke familieleden zijn achtergebleven en wellicht kunnen we daar later iets mee als iemand op enig moment toch nog gezinshereniging kan aanvragen.

Daarnaast hopen we snel duidelijk te krijgen hoe de IND gaat horen en screenen. Als dat duidelijk is kunnen wij als Vluchtelingenwerk de juiste voorlichting geven.

Deze ‘uitgenodigde Afghaanse vluchtelingen’ vormen een nieuwe categorie, het zijn evacués die zijn opgehaald door Nederland. Maar daarbinnen heb je verschillende groepen. Er zijn tolken, ambassadepersoneel en dergelijke, die een duidelijke link met Nederland hebben. Dan zijn er ook mensen die naar Nederland zijn gevlogen, maar een link hebben met de VS, Canada of Duitsland bijvoorbeeld. En dan zijn er nog journalisten of mensenrechten-activisten, mensen die door hun activiteiten of om andere redenen vrees hebben voor de Taliban.

Waar het duidelijk is dat iemand recht had op evacuatie zal de IND een korte procedure hanteren. Als dat niet direct duidelijk is, zullen er waarschijnlijk meerdere gehoren gepland worden of komt iemand in de gebruikelijke asielprocedure. Er is dus nog heel veel onzeker. Voor medewerkers van de ambassade – tolken, chauffeurs, schoonmakers en dergelijke - kan het wel vrij snel gaan.

Moratorium

Voor ons als Vluchtelingenwerk is het afwachten: hoe gaat de overheid om met wie er nu binnenkomen. Er is een moratorium afgekondigd, wat betekent dat Afghanen niet worden teruggestuurd. Maar ook de besluiten over asielaanvragen zijn opgeschort. Dat is lastig als je je familie kwijt bent; want als je geen verblijfsvergunning krijgt, kom je ook niet in aanmerking voor gezinshereniging.

Waar mensen niet altijd bij stilstaan, is dat er ook Afghanen in andere AZC’s zitten die zich nu grote zorgen maken over hun familieleden. Sommigen wachten op gezinshereniging. Ook mensen die nog in de asielprocedure zitten en zorgen hebben over andere gezinsleden, krijgen te maken met het recente ‘besluit- en vertrekmoratorium’ voor Afghanistan. Als hun procedure wordt stopgezet komen ze terecht in een soort vacuüm. Er is dan geen zicht op verdere stappen.

Veel is onduidelijk en onzeker. Een groot deel van de nieuwkomers is nog in shock. Het wordt pittig als straks doordringt hoe de procedures gaan lopen. Of voor jou geldt dat je een korte procedure kan doorlopen of juist niet, de situatie waar ze zich op moeten richten. Huisvesting die problematisch is. Dan pas komt het  besef waarin ze verzeild zijn geraakt, dat zal heel moeilijk zijn.

De groep Afghanen in Zoutkamp blijft voorlopig bij elkaar, maar het is bedoeld als tijdelijke opvang. Binnenkort zullen er andere plekken moeten worden gezocht, maar ook daarover is nog veel onduidelijk. Wellicht gaan er ook nog mensen naar andere landen waar ze voor hebben gewerkt.

Impact

We hebben wel vaker te maken gehad met grote instroom en noodopvang, maar wat anders is, is dat het nu evacués zijn, waarvoor andere procedures gelden. Bij alles is het nog wachten op duidelijkheid: wat zijn de overheidsbesluiten en wat worden de procedure-stappen. Pas als die stappen helder zijn, kunnen wij ons ‘normale’ werk weer doen: de procedure uitleggen aan de nieuwkomers en hen daarbij ondersteunen.

Deze Afghaanse mensen zijn vrij plotseling weggegaan, dat merk je aan de sfeer, er heerst nog een soort shock. Dat de machtsovername door de Taliban zo snel zou gaan had niemand gedacht. En de chaotische situatie op het vliegveld is ook traumatiserend geweest. De gesprekken die je voert hebben veel impact, ook op ons en onze vrijwilligers.

We doen eigenlijk ons gewone werk, maar nu met de hectiek van heel snel opstarten. Daar zijn we niet altijd op ingericht, om genoeg personeel en ook ervaren mensen in te kunnen zetten. Maar er is gelukkig veel bereidwilligheid, mensen willen best wat extra’s doen.

Het werk in Zoutkamp is aan de andere kant ook vergelijkbaar met de situatie in andere AZC’s; daar zijn ook mensen die soms plotseling hebben moeten vluchten, die trauma’s hebben, dat hoort bij ons werk. Maar nu hebben we te maken met een groep die ineens collectief uit die gevaarlijke situatie komt.

Boeiende verhalen

Nieuwe vrijwilligers zijn zeer welkom, ook in Zoutkamp. Wat wij vluchtelingen in AZC’s bieden is juridische ondersteuning bij de asielprocedure. Het is vooral heel veel uitleg geven hoe de procedurestappen gaan, je moet brieven van advocaten en de IND goed kunnen toelichten. Je bent een intermediair tussen de instanties en de asielzoeker. Een juridische achtergrond is niet nodig, maar je moet daar wel affiniteit mee hebben. En om goed voorlichting te geven moet je willen verdiepen in dossiers en procedures en dat interessant vinden. Dan houd je dit werk het langst vol. En daarnaast is het ook vreselijk boeiend om al die verschillende mensen te ontmoeten en verhalen te horen!

Mensen van buitenaf – die over de Afghaanse vluchtelingen lezen – zijn wel heel erg begaan. Dat is belangrijk en mooi! Ons werk heeft daarnaast wel heel duidelijke kaders; we zijn er echt voor de voorlichting en juridische begeleiding. Voor ‘handen uit de mouwen’ hulp verwijzen we mensen vaak door naar het COA of bijvoorbeeld het Rode Kruis.

Verdriet

Het zo best een technisch verhaal geworden, maar waar het natuurlijk om gaat is die mensen, de indringende verhalen die je hoort. Wij voeren gesprekken met al die mensen die heel verdrietig zijn, die vertellen hoe ze halsoverkop zijn vertrokken. Zoals een familie waarvan de helft is meegegaan terwijl de andere helft, in het gedrang op het vliegveld, in Kabul is achtergebleven. En dat is dan maar één voorbeeld van zovele…

Wij kunnen weinig doen, vooral luisteren en vastleggen. De IND is druk bezig met de voorregistratie, maar mensen willen hun verhaal doen. Veel mensen spreken wel Engels – er zijn natuurlijk ook tolken bij – en zo nodig wordt er ook onderling vertaald. Bij Vluchtelingenwerk krijgen mensen de gelegenheid om te vertellen wat ze hebben meegemaakt en waar ze behoefte aan hebben, want dat is nodig.”

woensdag 8 september 2021