donderdag 18 mei 2017

Column van een taalcoach: Daar wil ik liever niet over praten

Het hele taalcoachingsgebeuren kan eigenlijk worden samengevat in drie woorden: Praten, praten en praten. Voeg daar nog bij: Het uitleggen van Nederlandse gewoonten, en je bent er.

Nou praten Nederlanders graag maar ze zijn ook nieuwsgierig en erg direct. Daarom begin ik tijdens mijn eerste bezoek aan mijn coachee, de Syrische Alzina van begin vijftig, uit te leggen dat ze gerust op vragen die ze niet wil beantwoorden mag zeggen: ‘Daar wil ik liever niet over praten.’
Ze begrijpt niet wat ik bedoel.

Ik probeer voorbeelden te geven. Daarbij vermijd ik de vraag waarvan ik weet dat hij door medelanders gesteld zal worden ‘Hoe was het in dat bootje?’ Ik omkleed mijn uitleg met allerlei ándere voorbeelden en vertel dat je sommige dingen graag privé wilt houden en dat dit in Nederland ook mág. Je zegt dan gewoon: ‘Daar wil ik liever niet over praten.’
Gedurende anderhalf uur  probeer ik het Alzina duidelijk te maken dat ze dit mag zeggen. Ik gebaar, zoek naar woorden, voer halve toneelstukken op maar Alzina begrijpt niet wat ze met die zin moet. Ze pakt er tenslotte google translate bij.

‘Néé…, zegt ze. Ze schudt haar hoofd. ‘Nee, dat kan je toch niet zéggen?’
Haar man komt binnen. In het Arabisch vertelt ze hem waar we het over hebben. Ze kijken elkaar aan en lachen gegeneerd. Beiden schudden nu het hoofd. ‘Nee, dát kan je niet zeggen.’ Ik realiseer me dat hier nog werk aan de winkel is. Gelukkig heeft de man van Alzina ook een taalcoach. Ik sein hem in met de vraag of hij nog eens een poging wil wagen om uit te leggen hoe die gekke Nederlanders in elkaar steken.

Taalcoach Irene Wing Easton (www.wingeaston.nl)

Deel dit met anderen