Huisvesting van vluchtelingen in de gemeente

In veel gemeentes is er al jaren een tekort aan sociale huurwoningen, met name aan de onderkant van de markt. Omdat er in 2014 meer, met name Syrische, vluchtelingen naar Nederland kwamen, is de vraag naar die sociale huurwoningen alleen maar groter geworden. Voor gemeentes een behoorlijke puzzel. VluchtelingenWerk denkt graag mee. Jan van der Werff, directeur VWON, schreef een opinie-artikel voor de Gelderlander dat u hieronder (ingekort) kunt lezen.

De eerste opvang van vluchtelingen is in een asielzoekerscentrum (AZC). Als vluchtelingen een verblijfsvergunning krijgen, moeten ze het AZC verlaten. Omdat ze dan in feite dakloos zijn, komen ze versneld in aanmerking voor een huurwoning. Volgens afspraak huisvest elke gemeente jaarlijks een vastgesteld aantal vluchtelingen, afhankelijk van het aantal inwoners.

Een aantal gemeentes in Gelderland en Overijssel geeft aan moeilijk aan dat vastgestelde aantal te kunnen voldoen. Voor sociale huurwoningen zijn immers al jaren wachttijden. Vluchtelingen staan minder lang op die wachtlijst. Dat is frustrerend als jij of je kind lang moet wachten. Vluchtelingen met een verblijfsvergunning langdurig in een AZC laten, is ook problematisch. Het is relatief duur, en integreren is lastig als je ergens achteraf in een AZC zit, met minder dan 5 vierkante meter 'eigen' ruimte.

VluchtelingenWerk vindt het cruciaal dat vluchtelingen met een verblijfsvergunning zelfstandig kunnen wonen, op een plek waar ze kunnen deelnemen aan de samenleving. Zodat ze snel Nederlands leren, integreren en aan het werk kunnen gaan. Maar hoe die spanning op te lossen tussen de extra vraag naar woningen en het tekort in het aanbod?

Woningen erbij toveren kunnen wij niet, meedenken kunnen we wel. Lokaal hebben we regelmatig contact met gemeentes en woningcorporaties voor een goede afstemming. Op landelijk niveau geeft VluchtelingenWerk input aan een platform dat nadenkt over creatieve oplossingen, zoals:

Woningdelen door alleenstaande vluchtelingen: Wat ons betreft een mogelijke tijdelijke oplossing, mits het op vrijwillige basis gebeurt. Hierbij is het heel belangrijk dat de gevolgen voor bijvoorbeeld uitkeringen en toeslagen goed doordacht worden.
Huisvesting bij particulieren: Zeker als er al familieleden in Nederland wonen, kan dit prima werken. Met huisvesting bij andere onbekende en goedbedoelende particulieren hebben we slechte ervaringen opgedaan tijdens de Joegoslavië-oorlog.
- Ombouwen van leegstaande (kantoor)panden: Dit zou ook goed kunnen, mits het niet ten koste gaat van integratie. Dus geen ‘vluchtelingencomplex in de weilanden’ maar goed bereikbaar en gemengd met andere, Nederlandse starters op de woningmarkt. Contact met Nederlanders is essentieel voor goede integratie.

 

In welke vorm de huisvestingsvraag precies opgelost zal worden, is niet aan ons. We hopen voor alle partijen dat die oplossing snel en ook structureel gevonden wordt. Wij denken waar mogelijk mee. Een groot deel van ons werk begint pas als vluchtelingen een woning hebben gevonden. Er komt dan veel op iemand af: ‘Waar kan mijn kindje naar een basisschool, hoe leer ik Nederlands en hoe krijg ik overzicht in mijn financiële situatie?’ Allemaal vragen waar onze vrijwilligers bij helpen. Wie helpt deze nieuwe vluchtelingen op weg?
 

Jan van der Werff, directeur VluchtelingenWerk Oost Nederland

dinsdag 3 maart 2015