Taalcoach Ton

Onlangs ben ik taalcoach geworden. Ik merkte dat ik te veel avonden in ledigheid doorbracht en ik dacht” laat ik wat zinnigs gaan doen’. Mijn geliefde, die vrijwilligerswerk bij VluchtelingenWerk had gedaan combineerde haar kennis over de vacatures en mijn liefde voor de Nederlandse taal: et voilà: taalcoachTon.

Enkele weken na mijn aanmelding werd ik gekoppeld aan Yasin. Syriër. Timmerman. Drie kleine kinderen en een vrouw, in een klein huisje in Overasselt.
De eerste kennismaking was wat onwennig. In het bijzijn van de coördinator van VluchtelingenWerk ontmoetten we elkaar. Al snel werd me duidelijk dat niet Yasin, maar ik een achterstand had… Wat is in vredesnaam een statushouder? En het A2 examen? Het KNM? Het ONA-deel van de inburgeringscursus? Welkom in de wereld van de vluchteling. En ik maar denken dat ik als goede Volkskrantlezer tot in de puntjes op de hoogte ben van wat het allemaal betekent om vluchteling te zijn…

Gelukkig kan ik bogen op een uitstekend taalgevoel. Ik heb een vlotte pen, weet mensen te raken met mijn teksten. Scherp ben ik. Taalpurist bij tijd en wijle. Elke taalcoach weet dat de vorige vier zinnen voor een vluchteling volledig abracadabra zijn. Deze laatste zin trouwens ook…

Dit werd me duidelijk toen ik voor de eerste keer bij Yasin thuiskwam. Ik had voor hem de zaterdageditie van de Volkskrant meegenomen en gaf die aan hem. ‘Ah’ zei hij, ‘ies ein krant vor alle mense in Overasselt’. ‘Eh.. nee Yasin, dit is de Volkskrant’. ‘Ah, ies de krant voor alle mensen, voor het volk van Nederland’. ‘Eh… nee Yasin. Ies de krant voor alle snobistische salon-socialisten die het beste met jullie vluchtelingen voor hebben, maar nu met de mond vol tanden staan’.
Ik legde de krant terzijde. ‘Yasin, kijk er maar eens in, en probeer wat te lezen. Dan kijken we volgende keer als ik kom of je de krant begrijpt’ (ik hoor mezelf opeens praten). Yasin: ‘Isgoed, dankuwel, graag gedaan’. En ik maar vriendelijk glimlachen…. TaalcoachTon flikkert met duizelingwekkende snelheid van de door hemzelf opgerichte sokkel (sokkel, sokkel? … voetstuk, ik ben lerende).

Opeens realiseerde ik me dat ik mijn eigen taal nauwelijks beheers, dat ik degene was die hier moest leren om iets uit te leggen over onze onmogelijke taalregels, dat dit daadwerkelijk vrijwilligerswerk was. En het besef drong dieper door, toen Yasin de twee uur daarna me bleef bevragen over het perfectum en het imperfectum.

‘Iek ging naar de bisoscoop. Iek heb de film mooie gevonden’. ‘Nee Yasin: ik vond de film mooi’. Yasin – met de meest oprechte oogopslag die ik jaren heb gezien-: ‘Waarom?’.
En ik kon hem even niet uitleggen waarom ‘ik de film mooi vond’. Als hij had gevraagd of vond met dt was had ik zonder dralen ‘ja’ gezegd. Yasin en ik vonden elkaar even in de wanhoop om het Nederlands te begrijpen. En we vonden elkaar in de onverzettelijkheid dit tot een goed einde te brengen. Ik vond dat althans in zijn ogen bij de vraag ‘Waarom?’. ‘Waarom Yasin? Daarom’.

maandag 4 maart 2019

AddToAny

Delen Tweet Delen Delen Mail