6 vragen over de huisvesting van vluchtelingen

De huisvesting van vluchtelingen zorgt regelmatig voor discussie. Het aantal vluchtelingen dat wacht op een woning neemt dit jaar fors toe, terwijl het aantal asielaanvragen juist daalt. En er zijn al zulke lange wachtlijsten. Hoe komt dat? Waar komen deze mensen vandaan? En wat moet er nu gebeuren? In zes vragen leggen we uit hoe het zit.

1 Waarom hebben vluchtelingen een huis nodig?

Als vluchtelingen een verblijfsvergunning krijgen moeten ze zo snel mogelijk het asielzoekerscentrum (azc) verlaten. Het azc is bedoeld als tijdelijke opvang als nog niet duidelijk is of iemand in Nederland mag blijven. Vluchtelingen zijn daar voor alles afhankelijk van de overheid en leven hutje mutje samen met honderden andere asielzoekers. Het is in ieders belang dat zij zo snel mogelijk zelfredzaam zijn en integreren in onze samenleving. Maar zonder contact met Nederlanders is integreren heel moeilijk. En zonder vaste woonplaats lukt het ook niet om werk te vinden. Erkende vluchtelingen hebben vaak jarenlang moeten wachten op hun verblijfsvergunning en hebben daarom rust en een vaste plek nodig om eindelijk een nieuw leven op te kunnen bouwen.

2 Waarom zijn er dit jaar meer woningen nodig voor vluchtelingen?

Het aantal vluchtelingen waar dit jaar woonruimte voor nodig is, is verdubbeld ten opzichte van vorig jaar. Terwijl het aantal nieuwe asielzoekers juist jarenlang niet zo laag is geweest. De oorzaak ligt bij de Immigratie- & Naturalisatiedienst (IND). Door een personeelstekort en grote uitvoeringsproblemen is de wachttijd voor de asielprocedure opgelopen van enkele weken naar 2 tot 3 jaar. Doordat vluchtelingen  langer moesten wachten op hun asielprocedure was er in de afgelopen jaren juist veel minder woonruimte nodig. Nu de IND bezig is met een inhaalslag zullen in korte tijd veel meer vluchtelingen een verblijfsvergunning krijgen. Het gaat dus om een tijdelijke stijging na een aantal jaren waarin er juist minder woonruimte nodig was.

3 Waar komen deze vluchtelingen vandaan?

Vluchtelingen die wachten op een woning hebben een verblijfsvergunning gekregen omdat ze echt gevaar lopen in hun land van herkomst. Dat is onderzocht in de asielprocedure. Syrië is sinds het uitbreken van de burgeroorlog nog steeds het land van herkomst waar de meeste vluchtelingen vandaan komen. Ook uit Jemen en Afghanistan vluchten op dit moment mensen voor oorlogsgeweld naar Nederland. Uit andere landen vluchten mensen vaker omdat zij om persoonlijke redenen vervolgd worden. Bijvoorbeeld vanwege hun geloof, hun politieke opvattingen of omdat ze tot een minderheidsgroep behoren. Op dit moment zijn dat vluchtelingen uit landen als Iran, Irak, Eritrea, en Turkije.

4 Hoe is de huisvesting van vluchtelingen geregeld?

Als vluchtelingen een verblijfsvergunning krijgen, moeten ze helemaal opnieuw beginnen met het opbouwen van een nieuw leven. Ze hebben meestal nog geen werk, moeten de taal nog leren en zijn daarom eerst afhankelijk van een bijstandsuitkering. Meestal krijgen ze een (sociale) huurwoning toegewezen door de gemeente. Vluchtelingen kunnen niet zelf kiezen in welke gemeente ze gaan wonen. De 'taakstelling huisvesting' zorgt  er voor dat alle vluchtelingen evenredig over alle Nederlandse gemeenten worden verspreid. Dit gaat naar rato van het aantal inwoners van een gemeente. Elk halfjaar stelt het Rijk per gemeente vast voor hoeveel vluchtelingen er woonruimte nodig is Na vaak enkele jaren te hebben gewacht op hun asielprocedure, moeten vluchtelingen dan meestal nog een paar maanden wachten tot er een woning is gevonden.

5 Krijgen vluchtelingen voorrang op andere woningzoekenden?

Door de wooncrisis is er in delen van het land een lange wachtlijst voor een sociale huurwoning. De gemeente kan dan bepaalde groepen woningzoekenden als 'urgent' aanmerken, als er sneller woonruimte nodig is. In gemeenten met zo'n ‘urgentieregeling’ (minder dan de helft) zijn vluchtelingen met een verblijfsvergunning ook aangemerkt als urgentiegroep, omdat zij het azc zo snel mogelijk moeten verlaten. Zij staan dus in principe 'naast' andere urgentiegroepen, die bij een tekort aan woningen voorgaan op andere woningzoekenden. In tegenstelling tot andere wachtenden mogen vluchtelingen geen woning weigeren. Het komt dus ook voor dat zij woningen krijgen aangewezen die door andere wachtenden zijn geweigerd.

6 Hoeveel huizen gaan er naar vluchtelingen?

Dit aantal kan per gemeente en door de jaren heen sterk variëren. In 2016 was er door de burgeroorlog in Syrië voor 43.000 vluchtelingen woonruimte nodig. In 2019 en 2020 ging het om 12.000 mensen, en in 2021 zal naar verwachting voor 27.000 vluchtelingen een plek om te wonen nodig zijn. Omdat het ook om gezinnen gaat is er gemiddeld 0,5 woning per vluchteling nodig. In de periode 2010 - 2019 ging naar schatting ongeveer 3,5% van alle woningtoewijzingen naar statushouders.

Wat vindt VluchtelingenWerk?

Het is zowel in het belang van vluchtelingen als van de samenleving dat vluchtelingen zo snel mogelijk kunnen integreren en zelfredzaam worden. Door de wooncrisis is de huisvesting van vluchtelingen een grote opgave, en zorgt dit soms ook voor scheve gezichten bij andere woningzoekenden. In delen van het land komen er onvoldoende woningen vrij of duurt dit te lang en zijn alternatieve en/of tijdelijke woonvormen nodig voor vluchtelingen en andere woningzoekenden. Zoals het tijdelijk ombouwen van leegstaande kantoorpanden of schoolgebouwen, en het gebruik van flexwoningen. Daardoor neemt de druk op de bestaande voorraad sociale huurwoningen iets af. Maar zulke alternatieve woonvormen mogen de integratie niet hinderen en dienen als uitstel (en niet als afstel) van definitieve huisvesting. En om grote schommelingen in het benodigde aantal woningen voor vluchtelingen te voorkomen moeten de problemen bij de IND structureel worden aangepakt. 


 

Wil je onze nieuwsbrief ontvangen?

Volg ons via: