Reportage 'Integreren': deze familie uit Damascus vindt een plek in Zuid-Limburg

De miljoenenstad Damascus en een 750 inwoners tellend dorpje in Zuid-Limburgse: groter kunnen verschillen haast niet zijn. Toch is de Syrische familie van Khaled en Hadil al aardig geïntegreerd. Wij gingen er een dagje op bezoek.

‘Of je nu in Damascus woont of in zo’n rustig dorp als Nijswiller, met vier kleine kinderen is het altijd druk’, vertelt Khaled. Dat is dan ook de enige overeenkomst tussen hun leven voor en na hun vlucht uit Syrië. Khaled, Hadil en hun zoontjes Adnan (9), Ahmad (7) en de tweeling Lith en Ghith (6) kwamen twee jaar geleden in het dorpje wonen. Inmiddels heeft het gezin al Nederlandse vrienden gemaakt, gaan de kinderen naar school, werkt Khaled drie dagen in de week als loodgieter en haalde hij zijn rijbewijs. Ook volgen beide ouders taal- en inburgeringslessen. Hadil overdag, Khaled op de avondschool. Zo past het drukke leven van de familie als een puzzel in elkaar. 

06.00 uur: hagelslag en olijven

De zes zijn elke ochtend vroeg uit de veren. Op het ontbijtmenu staan Hollandse boterhammen met hagelslag en pindakaas, maar ook Griekse yoghurt met olijven. Vandaag brengt Khaled de kinderen naar school. ‘Ik loop vaak samen met een buurman. Van dat kwartiertje praten, leer ik soms meer dan een hele dag op school. Laatst was ik bijvoorbeeld vrij omdat het Hemelvaartsdag was. Mijn buurman heeft toen uitgelegd wat die dag precies betekent.’

Ondertussen is Hadil vertrokken naar de taalschool een dorp verderop. Vandaag is extra spannend, want er staan toetsen op het programma. Hoe goed Hadil en Khaled ook al Nederlands spreken, de kinderen halen ze waarschijnlijk niet meer in. Die hebben zelfs de Limburgse tongval al overgenomen. ‘In het begin was het wel lastig’, weet Ahmad nog. Niet alle kinderen op school begrepen hoe moeilijk het voor hen was om Nederlands te leren. ‘Eén meisje was op vakantie geweest in Spanje. “Nu begrijp ik hoe vervelend het is als niemand je verstaat”, zei ze toen ze terugkwam.’ 

10.00 uur: studeren met Willy

Als het huis weer aan kant is, gaat de bel. Het is taalcoach Willy. Ze komt twee keer in de week langs: één keer voor Hadil en één keer voor Khaled. Hadil en Willy duiken niet alleen thuis in de boeken, maar trekken er soms ook op uit. Hadil: ‘Samen met Willy ging ik naar een dorp in de buurt, gezellig ontbijten bij de Hema. In Syrië gaan vrouwen regelmatig lekker koffie drinken met elkaar. In Nederland hebben mensen het vaak te druk.’

12.00 uur: regelwerk  

Khaled: ‘In Syrië woonden we boven de winkels. Wilde je ergens anders naartoe, dan pakte je voor een paar cent een taxi.’ Dat is nu wel anders. Boodschappen doen, naar taalles of zwemles: alles moet met de bus en die vertrekt twee keer per uur. ‘Daardoor duren veel kleine klusjes een stuk langer dan vroeger.’

14.30 uur: kinderen ophalen 

Vandaag is Adnan jarig. Hij komt als eerste het schoolplein oprennen met een kleurrijk versierde verjaardagsmuts op. ‘Ze hebben Lang zal ze leven voor mij gezongen!’ Daarna komen ook Ahmad en de tweeling naar buiten. Lith zit van top tot teen onder het zand. ‘Ik heb gezwommen in het zandpad!’, zegt hij trots. 

Taart voor de hele school

‘In het begin moesten we wennen aan de Nederlandse school’, vertelt Hadil later die dag. ‘In Syrië gaan kinderen pas vanaf hun 7e naar school, maar krijgen dan meteen boeken en schriften.’ Juf Marion: ‘We legden uit dat we hier vooral spelenderwijs leren.’ De juffen en Dimphy, vrijwilliger van de school, hebben het gezin vooral in het begin erg geholpen. ‘Maar de familie doet ook veel voor ons’, vertelt Dimphy. ‘Altijd als er iets vieren is, vraagt Hadil wat ze kan doen. Met Suikerfeest maakt ze heerlijke hapjes en op een verjaardag van de kinderen bracht ze een enorme taart langs. Zo groot dat de hele school ervan kon eten.’

15.00 uur: mama komt thuis! 

‘Ik zie mama!’, roept Ghith. Vanaf het heuveltje waar de school staat kunnen ze de bushalte goed zien. De vier rennen op haar af en samen lopen ze naar huis. Daar krijgen de jarige job en zijn broertjes bellenblaas van Ria, hun vrijwilliger en vaste contactpersoon van VluchtelingenWerk. Hadil: ‘Ria hielp ons toen we hier net kwamen wonen en ze helpt ons nog steeds. Wat hadden we zonder Ria moeten doen? De manier waarop ze er is voor ons en onze kinderen is zo bijzonder.’

Buurvrouw aan de deur

Al snel zweven de bellen de schutting over, de tuin uit. ‘In het begin hield ik de kinderen veel binnen. Ik zei tegen hen: niet te veel herrie maken. Ik wilde geen problemen met de buren’, vertelt Khaled. ‘Na drie dagen stond de buurvrouw voor de deur. We verstonden elkaar niet en ze vertrok. Even was ik bang dat ze boos was, maar al snel kwam ze terug. Dit keer met haar Engelssprekende kleinzoon. “Mijn oma wil weten of jullie hier echt wonen, want ze hoort maar niets”, zei hij. Ik legde uit dat we zachtjes probeerden te doen, maar dat was volgens haar niet goed. De kinderen moesten buitenspelen, muziek luisteren en plezier maken. We waren zo blij!’ Ook andere buren lieten van zich horen. Hadil: ‘We zijn de mensen uit dit dorp zo dankbaar. Iedereen is zo lief voor ons geweest. Met kerst bracht een onbekende man een speciaal Nederlands brood langs. Een andere keer stond opeens een tas met speelgoed voor de deur. We weten nog steeds niet wie dat heeft gedaan.’ 

Onder de tafel tijdens het onweer

Met de hulp van alle betrokken buren, vrijwilligers en lieve juffen voelt het gezin zich steeds meer thuis. Khaled: ‘In het begin moesten de kinderen wennen aan hun nieuwe leven. Ze hadden veel nachtmerries en misten hun opa en oma erg. Als ze gedonder hoorden, doken ze onder de tafel. “Je zei toch dat het hier veilig was, papa”, riepen ze. Dan legde ik uit: hier vallen geen bommen habibi, lieverd, het is maar onweer.’

18.00 uur: eten op een Hollands tijdstip

‘Op sommige dagen eten we rond dezelfde tijd als de meeste Nederlanders’, vertelt Hadil. ‘Ik vind het heerlijk om in de keuken te staan. Mijn droom is kok te worden. Veel ingrediënten voor Syrische gerechten zijn hier in de buurt niet te koop. Soms ga ik speciaal daarvoor naar een Arabische winkel in Maastricht.’ Willy en Ria zijn inmiddels al bekend met Hadils kookkunsten. ‘Laatst belde ik om te vragen of ik die avond iets kon komen brengen, bleek ’s avonds dat Hadil de hele dag voor me in de keuken had gestaan. Vanaf nu vraag ik pas een paar uurtjes van te voren of het uitkomt dat ik langskom!’, grapt Willy.

21.30 uur: het laatste kopje koffie 

Op dagen dat Khaled werkt en daarna naar avondschool gaat, is hij pas rond 21,30 uur thuis. ‘Die dagen lopen we elkaar behoorlijk mis. Aan het eind van de dag ploffen we lekker op de bank. Dan nemen we met een laatste kopje koffie de dag door.’

Je plek vinden in een nieuwe woonplaats is best lastig als je er nog niemand kent en de taal nog niet goed spreekt. Toch willen vluchtelingen vaak graag zo snel mogelijk meedraaien in de samenleving en bouwen aan een zelfstandige toekomst. Vrijwilligers van VluchtelingenWerk begeleiden hen daarbij in bijna alle Nederlandse gemeenten. Lees hier wat onze vrijwilligers allemaal doen op het gebied van integratie. Ook vrijwilliger worden? Bekijk de vacatures bij jou in de buurt.

Deel dit met anderen