Dankbaar om vluchtelingen te helpen

Brabants Dagblad - Bernheze/Heesh - Publicatiedatum: 19 Dec 2020


Nakaarten April
Het is tien uur in de ochtend en Marianka Finke zet op het kantoor van VluchtelingenWerk in Heesch een paar puntjes op de i met nieuwe vrijwilliger Ties. De jonge Udenaar heeft zich deze zomer gemeld in een voor Finke hectische periode. ,,Ik ben zó blij dat hij is gekomen!''

Ties vertelt dat hij er al langer over dacht om als vrijwilliger bij VluchtelingenWerk aan de slag te gaan. Bij de Syrische barbershop waar hij altijd komt, spreekt hij vaak vluchtelingen. ,,Mensen uit andere culturen; ik vind het interessant en er is heel snel een verbinding. De gesprekken die je hebt, zijn niet oppervlakkig. Ik vind dat iedereen een mooi plekje op deze aarde mag hebben. Voor mij zijn er geen grenzen. Al dat politieke gedoe, daar komen mijn haren van overeind.''

Ties is een van de vijf nieuwe vrijwilligers die teamleider Finke inmiddels heeft mogen verwelkomen. Twee van hen worden taalcoach, de andere drie, onder wie Ties, maatschappelijk begeleider. Zij gaan ook het spreekuur bemensen.

Het was een pittig jaar voor Finke. De Nijmeegse had in maart zelf corona, kreeg in april te maken met de steekpartij waarbij een cliënt de 18-jarige Rik van de Rakt doodstak en raakte in korte tijd twintig vrijwilligers kwijt, zodat ze zelf taken erbij moest nemen en cliënten moest begeleiden. Ze vroeg en kreeg daarvoor extra betaalde uren van de gemeente.


Geen makkelijke beslissing
Gelukkig is Finke stressbestendig. Haar besluit om VluchtelingenWerk te verlaten en per 1 januari als klantmanager statushouders bij de gemeente Meierijstad te gaan werken, had dan ook niet te maken met het onstuimige jaar 2020. ,,Ik ben 47 en dacht: als ik nog een keer een switch wil maken, dan zou het nu toch wel moeten. Maar het was geen makkelijke beslissing om na elf jaar bij VluchtelingenWerk weg te gaan.''

De begeleiding van vluchtelingen ging ook tijdens corona door. En op afstand helpen, valt niet mee. Een telefoongesprek voeren met mensen die geen of slecht Nederlands spreken, ook al is er een vertaler bij via een tweede lijn, blijft behelpen. ,,Je wilt mensen zien om te kijken hoe het met ze gaat, een indruk te krijgen van iemand. Ze zeggen niet snel dat het niet goed met ze gaat.''


Veel vrijwilligers werken wél door
,,Tijdens de eerste coronagolf deden we geen cliëntbezoeken. Nu laten we het aan de cliënt en de vrijwilliger over of ze fysiek willen afspreken. Waarbij ze uiteraard alle regels in acht nemen. Van de vrijwilligers zijn er gelukkig veel die gewoon doorwerken. Maar als ze dat niet willen, respecteren we dat volledig. Tot nu toe is er niemand ziek geworden tijdens het werk, maar het blijft een risico. En ik voel me wel verantwoordelijk.''

Toen ze twee jaar geleden begon in Bernheze, beschikte ze over 76 vrijwilligers, nu zijn het er 50. Er is altijd verloop, zegt Finke. ,,De jongere zitten vaak tussen twee banen in, de oudere vinden het werk op een gegeven moment te zwaar, kunnen het niet meer combineren met mantelzorg of worden zelf ziek. Het is dus een constante noodzaak om nieuwe vrijwilligers te werven. Normaal helpen ervaren vrijwilligers dan bij het inwerken. Maar in april stopte het hele spreekuurteam en al zouden er nieuwe mensen zijn geweest om dat over te nemen, dan was ik de enige die ze in kon werken.''

Vluchtelingen helpen is een dankbare taak
Finke vindt het een dankbare taak vluchtelingen te helpen. ,,We geven mensen die zo'n vlucht gemaakt hebben een nieuwe start in het leven, een warm welkom in hun nieuwe woonplaats. Het raakt me iedere keer weer.'' En nee, het lukt niet altijd om de verhalen van je af te schudden als je naar huis gaat. ,,Dat vind ik niet erg.''

Toch kreeg ook zij in april slachtofferhulp, nadat een statushouder uit Soedan werd opgepakt voor de dodelijke steekpartij in Oss. ,,Zoiets heb ik gelukkig nooit eerder meegemaakt. Het is goed om er met een professional over te praten, het gaat je niet in de koude kleren zitten. Maar ik heb er geen trauma aan overgehouden. Wij wisten niet wat er met hem aan de hand was. Hadden we dat maar geweten, dan hadden we meer kunnen doen.''

Inmiddels is het tijdstip verstreken waarop de cliënten van deze ochtend voor hun eerste intake zouden komen. Ze moeten vanuit het asielzoekerscentrum in Zweelo zelf met trein en bus naar het kantoor in Heesch komen. ,,Nee, we pamperen ze niet. Dit hoort bij het stimuleren van zelfredzaamheid.''

De nodige papieren invullen
Het echtpaar uit Afghanistan heeft een huis toegewezen gekregen in Heesch, ze krijgen op deze dag de sleutel. Eerst moet Finke op kantoor de nodige papieren met hen invullen, formulieren voor belangenbehartiging, aanvragen van een lening, een laptop voor de inburgering, een uitkering, toeslagen. En later in de middag is er nog een afspraak met de gemeente voor de officiële inschrijving.

Als ze belt, krijgt ze eerst geen gehoor, de mensen hebben wel een mobieltje maar geen mobiel internet. ,,Vaak zoeken ze iemand op die in de buurt woont, die ze kennen uit het azc, of uit hun land van herkomst'', weet Finke. Inderdaad blijkt even later dat de Afghanen bij een hazara-kennis zijn in Oss, zelf al meer dan tien jaar in Nederland. Hij brengt hen naar het kantoor en kan - voor hij naar zijn werk moet - even helpen met wat vertaalwerk.

Normaal doet een vrijwilliger de intake, maar Finke zit er altijd bij. ,,Ik wil ze leren kennen en wil ook dat ze mij kennen, dat ze weten dat ze bij mij terecht kunnen. Ook voor als het niet matcht met de begeleider. Ze hoeven niet alles te accepteren omdat ze onze hulp krijgen.''

We pamperen ze niet. Dit hoort bij het stimuleren van zelfredzaamheid

https://www.bd.nl/oss-e-o/zelf-corona-slachtofferhulp-na-steekpartij-client-twintig-vrijwilligers-weg-een-hectisch-2020-voor-marianka-finke-bij-vluchtelingenwerk~ae6d47de/

dinsdag 22 december 2020