Persoonlijke verhalen

Lees de mooie, ontroerende of inspirerende verhalen van vluchtelingen die door ons zijn begeleid of van vrijwilligers over het werken bij VluchtelingenWerk Zuid-Nederland.

  • Mohannad durft weer te dromen

    Mohannad uit Syrië is een universitair opgeleid  IT-specialist. Zijn arbeidscoach van vluchtelingenwerk raadt hem aan zijn passie te volgen: de Spaanse taal. De 26-jarige Syriër durft weer te dromen.

    In september is het zo ver: dan begint Mohannad Alrifai aan de lerarenopleiding Spaans, bij Fontys in Tilburg. Hij ziet een toekomst voor zich in Nederland als leraar of tolk Spaans. Alles wijst er op dat het hem gaat lukken. Mohannad heeft het geluk een talenknobbel te hebben. Hij is er in geslaagd om in korte tijd verbazingwekkend goed Nederlands te leren. Hij spreekt vijf talen: naast Nederlands en Spaans zijn dat Engels, Arabisch en Farsi (Perzisch).

    Drie dagen in de week leert Mohannad Nederlands. In januari hoopt hij Nederlands op niveau B2, te behalen. Dan beheerst hij de Nederlandse taal voldoende om naar het hoger onderwijs te kunnen. Hij wacht nog op de uitslag van het examen voor B1 Spaans. Mohannad is volop actief bij vrijwilligersorganisaties in zijn woonplaats Tilburg. Onlangs heeft hij simultaan vertaald van Spaans naar Nederlands in een televisie-uitzending van de Tilburgse omroep. Mohannad heeft de wind in de zeilen en dat helpt als een mens vooruit wil. Hij leeft in het heden en werkt aan de toekomst.

    En toch…. En toch is er weinig nodig om het verleden op te roepen. Daarvoor is alleen Fairuz voldoende; de beroemde Libanese zangeres die het Midden Oosten betovert met haar liederen. Fairuz betekent thuis, geborgenheid, vanzelfsprekende onvoorwaardelijke liefde. Dan keert Mohannad in gedachten terug naar Damascus, die oude stad waar hij opgroeide met twee zussen en een broer. Dan is hij weer thuis, waar zijn vader zich in de ochtend klaarmaakt voor zijn werk, waar zijn moeder de dag begint met Fairuz en waar de vier kinderen zich haasten voor school. Dan is de jongeman terug in het Syrië waar hij opgroeide en gelukkig was. Soms bekijkt hij oude filmbeelden over Syrië. Maar dat land bestaat niet meer. Mohannad zapt actuele beelden van Syrië weg: “Ik wil de vernietiging niet zien.” De tranen staan in zijn ogen.

    Dan vermant hij zich. Mohannad is de derde generatie Alrifai die huis en haard verlaat. Zijn grootouders ontvluchtten Haifa (in het tegenwoordige Israël), waar zijn opa werkte. Zij vestigden zich in Syrië. De ouders van Mohannad zijn ook vertrokken uit Damascus. Zij arriveerden een half jaar na Mohannad in Nederland.

    De familie is uiteen gerukt. Mohannad, die zich Palestijn noemt, woont zelfstandig op een kamer in Tilburg. Zijn ouders wonen in de buurt. Zijn broer is verhuisd naar Luxemburg, Zijn twee zussen wonen in Dubai. Mohannads ideaal – een gewoon leven in Syrië – is onbereikbaar. Terugkeren is geen optie. Zodra Mohannad een voet in Syrië zet, moet hij in het staatsleger. “Dan is mijn droom helemaal kapot. Mijn toekomst ligt hier.”

    Drukke agenda

    Dus leeft Mohannad in het heden. Zijn agenda is net zo vol als die van menig Nederlander. Drie dagdelen Nederlandse les, daarna huiswerk maken. Een cursus om zijn Spaans levend te houden. Een dag klassenassistent in de inburgeringslocatie van VluchtelingenWerk Zuid-Nederland. Hij vertaalt bij VluchtelingenWerk en hij zet zich in voor de stedenband Tilburg-Matagalpa (stad in Nicaragua.) Wat heeft een gevluchte Syriër met een hulporganisatie voor Nicaragua? Wel, dat is te danken aan zijn arbeidscoach Paul van der Heijden. Van der Heijden is in Tilburg vrijwilliger bij VluchtelingenWerk Zuid-Nederland. Hij begeleidt twee jonge vluchtelingen. “Leuk, bevredigend werk”, zegt Van der Heijden die van professie arbeidsbemiddelaar is voor de bouw. Hij  benadrukt het belang van elkaar leren vertrouwen. Dat is soms een hele klus voor iemand uit een oorlogsgebied, uit een andere cultuur met andere omgangsvormen. Pas als dat vertrouwen er is, begint de zoektocht naar wat een vluchteling werkelijk wil, aldus de arbeidscoach.

    Zijn Syrische pupil heeft een IT achtergrond. Mohannad is afgestudeerd aan de universiteit van Isfahan (Iran). Na het afronden van zijn studie, in 2014, moet hij Iran uit. Mohannad wijkt uit naar Nederland, waar zijn broer woont. Op 30 september 2014 zet hij voet op Nederlandse bodem, veertien dagen later heeft hij een vluchtelingenstatus. Hij verhuist naar Tilburg omdat hij daar aan de universiteit de studierichting information management wil volgen.

    In afwachting daarvan, bezorgt de arbeidscoach hem een stage bij een software bedrijf. Paul van der Heijden: “Die functie paste niet bij hem. Het schuurde. Dat triggerde mij: wil hij dit echt? Weet hij het zeker? Ik vroeg hem waar hij goed in is, wat hij leuk vindt. Toen vertelde Mohannad me over zijn passie voor Spaans.” Mohannad volgde tien jaar geleden cursussen Spaans in Damascus. Waarom Spaans? “Door het voetbal, door Real Madrid. Ik ben fan van Real Madrid. Of ik in Spanje ben geweest? Nee, nog nooit”, aldus Mohannad. De bal kan raar rollen.

    Toetsen

    Om te toetsen of het docentschap bij Mohannad past, laat de arbeidscoach hem een dag meelopen tijdens Spaanse les in een vmbo klas. Dat gaat goed en de jonge man weet wat hij wil. Om het Spaans levend te houden, zet Paul van der Heijden zijn pupil op het spoor van de stedenband Tilburg-Matagalpa. Zo komt Mohannad meer te weten over het Centraal Amerikaanse land. Pas geleden heeft hij rozen verkocht bij de Tilburg Ten Miles. De opbrengst is voor Matagalpa.

    Zijn arbeidscoach noemt Mohannad een voorbeeld voor anderen. “Hij ziet kansen en hij grijpt ze. Hij neemt initiatief en regelt veel zelf.” Mohannad relativeert: “Ik heb toch wel een duwtje in de rug nodig. Ik wil iemand….” ”Als klankbord”, vult Van der Heijden aan.

    Wat raadt Mohannad zijn lotgenoten aan? “Goed Nederlands leren, want taal is de sleutel die deuren opent. Gewoon proberen en niet luisteren wat anderen zeggen. Mensen vinden het gek dat ik niet verder ga in de IT, want de arbeidsmarkt is goed. Als ik naar hen had geluisterd, zou ik nooit aan een lerarenopleiding beginnen.”

    Tenslotte de vraag of hij, met zijn talenknobbel, plat Tilburgs verstaat. Mohannad schudt het hoofd: “Als iemand Tilburgs praat, moet ik sorry zeggen.” Zijn woorden zijn nog niet koud of hij wijst naar de koekjes bij de thee. “Kuukske”, zegt hij.

    Er verschijnt een brede glimlach op zijn gezicht.

     

    Geschreven door journaliste Joke Knoop

    Fotografie: Johan Pape

  • Een Syrische schaker als Bredase assistent huismeester

    Khawam Zydeen (36 jaar) uit Syrië is ruim twee jaar in Nederland. Hij is statushouder en woont in Breda. Ons gesprek vindt plaats in de bibliotheek van Breda. Khawam komt hier regelmatig, vooral om zijn grote hobby schaken met behulp van schaakboeken en  het internet bij te houden. Hij schaakt nu elke week in Breda, zoals hij dat vroeger altijd in Damascus deed. Khawam spreekt goed Nederlands en slechts een enkele keer is de vertaal-app nodig om een woord op te zoeken. Hij is  van plan om zijn verblijf in Nederland tot een groot succes te maken en grijpt elke mogelijkheid aan om Nederlanders beter te leren kennen en  verder in te burgeren.

    Assistent Huismeester

    Khawam heeft zojuist zijn stage als assistent huismeester bij wonincorporatie WonenBreburg succesvol afgerond. Via een 'Meet&Match' bijeenkomst van de Stichting Betrokken Ondernemers in Breda kwam het contact tussen WonenBreburg en VluchtelingenWerk Zuid-Nederland tot stand. Khawam zocht samen met zijn arbeidscoach John van de Donk naar mogelijkheden om meer te leren over de Nederlandse cultuur en tegelijk zijn taalkennis verder te verbeteren. WonenBreburg bood hem die kans. Hij liep drie maanden stage bij huismeester Bart de Cock, naast zijn taallessen en inburgeringscursus. Khawam speurde voornamelijk naar onregelmatigheden zoals rommel en verkeerd gestalde fietsen, controleerde schoonmaak werkzaamheden en hield zich bezig met klein onderhoud. Daarover had hij ook veelvuldig contact met bewoners.

    Wat is hij zichtbaar blij met het resultaat en het sociale contact met zijn omgeving. Hij heeft veel geleerd over cultuurverschillen en het belang hier met wederzijds respect mee om te gaan. Zijn Nederlands is verder vooruitgegaan en hij weet dat zijn taalbeheersing in combinatie met veel doorzettingsvermogen belangrijk is in zijn verdere zoektocht naar werk. Hij weet zeker dat zijn pas verdiende certificaat hem gaat helpen. Zijn advies: niet binnen zitten, neem initiatief en wees leergierig!

    WonenBreburg

    Bart de Cock (huismeester) en Bart de Laat (Teamleider Wonen) zijn ook enthousiast over de stage. Bij de eerste kennismaking waren Khawams positieve uitstraling en gevoel voor humor belangrijk. De stage betekende voor hen een flinke tijdsinvestering, want niet alleen moest het werk uitgelegd worden, tegelijk moest gewerkt worden aan taal en cultuur. Het was fijn te zien hoe Khawam steeds zelfstandiger en zelfbewuster zijn werk uitvoerde. Ook zij onderstrepen het belang van taal en doorzettingsvermogen.

    Maar niet alleen Khawam heeft geleerd: door het intensieve contact heeft ook Bart de Cock veel opgestoken over andere gewoonten en gebruiken. Hij kan zo nodig bewoners in het Arabisch begroeten. WonenBreburg zal in het komende jaar ongeveer 400 statushouders gaan huisvesten, dus dat komt goed van pas. Als je elkaar sneller begrijpt en respecteert, kun je veel problemen voorkomen. Khawam heeft daarom voor ongeveer 25 medewerkers van WonenBreburg een presentatie gehouden over zijn land en zijn ervaringen en dat was voor iedereen erg interessant. Op de vraag of ze weer een volgende stageplaats zouden overwegen, zeggen beiden vol overtuiging: “Ja, maar dan wel graag een tweede Khawam!”.

     

    Coaching

    John van de Donk van VluchtelingenWerk Zuid-Nederland is sinds december 2015 de arbeidscoach van Khawam en ziet hem elke week. Hij benadrukt Khawams positieve instelling en zijn wil om graag en hard te werken. De stage heeft zijn inzicht in een Nederlandse werkomgeving vergroot en daarmee zijn kans op de arbeidsmarkt. Kortom: iedereen die bij deze stage betrokken is geweest, kijkt er met volle tevredenheid en gepaste trots op terug. En Khawams volgende doel is duidelijk: een vaste baan in Nederland!

     

    Geschreven door journalist Aart Schild

  • Nour uit Damascus komt er op eigen kracht

    Nour Aldin Maybar uit Syrië vond binnen twee jaar een baan en een eigen onderdak in Tilburg. Hij deed dat vooral op eigen kracht.

    Wat we in de media zien: vluchtelingen die afhankelijk zijn van onze welwillendheid. Wat we niet zien: degenen die aan een porretje genoeg hebben om hun eigen pad te bewandelen. Zij zijn de mensen die hun draai vinden in Nederland.

    De 28-jarige Nour Aldin Maybar is er zo een. Hij neemt het liefst het heft in eigen hand. Hij wil vooruit in het leven en treedt de wereld tegemoet met een open blik. Nour is een wereldburger; hij is bereisd en studeerde o.a. in Engeland. En momenteel trapt hij met een elektrische fiets elke dag van zijn kleine appartement naar zijn werk. Een fiets met trapondersteuning, kan het Hollandser?

    Nour is computerprogrammeur bij Jorsoft in Tilburg. Hij is geattendeerd op deze baan.  Nour solliciteerde en werd uitgenodigd. “Tijdens het sollicitatiegesprek vroeg ik of ik als vrijwilliger kon werken. Dat deden ze niet, ze hadden alleen betaald werk. Ik mocht het proberen. Ik heb een week van alles gedaan en daarna mocht ik blijven.” Met als gevolg dat Nour een jaarcontract heeft.

    Skills

    Heeft hij een streepje voor als vluchteling, wellicht in het kader van maatschappelijk verantwoord ondernemen? Helemaal niet, zegt zijn werkgever Bas Jordans van Jorsoft. “Nour heeft een goed cv, het klopt gewoon. Mensen met zijn skills  zijn dun gezaaid.” Dat Nour het verscheurde Syrië is ontvlucht, is voor zijn werk van geen belang. Dat hij na zes maanden intensief studeren weliswaar behoorlijk, maar nog niet perfect Nederlands spreekt? Dat is evenmin een bezwaar. In de computertechnologie is Engels immers de voertaal en Nour spreekt jaloersmakend goed Engels.

    Eigenlijk zet hij zijn oude baan voort. Nour was computerprogrammeur voor een internationaal bedrijf in Dubai. Hij werkte op de vestiging in Damascus.  Zijn ouders stimuleerden hem te vertrekken omdat een jonge man in het geteisterde Syrië geen goede toekomst heeft. Hij verhuisde naar Beiroet, werkte daar voor hetzelfde bedrijf. Totdat hij zich ook daar niet veilig voelde: de tentakels van het Syrische regime strekken zich immers ook tot in de Libanese hoofdstad uit.

    De uitnodiging voor een IT conferentie in Amsterdam komt als geroepen. Hij krijgt een toeristenvisum en landt op Schiphol. Hij onderzoekt de kansen in Nederland en in november 2014 besluit hij asiel aan te vragen. Daarmee begint een periode waarin Nour de teugels uit handen moet geven en anderen over hem beslissen. Via het aanmeldcentrum in Ter Apel verhuist hij naar Veenhuizen, Alkmaar, Woerden, Budel, Arnhem (waar hij in maart 2015 asiel krijgt), Schalkhaar en Tilburg. Tilburg is de enige plaats die hij zelf uitkiest.

    Verveling

    Hij beschrijft het leven in de opvangcentra. “Je leeft met velen onder een dak, je deelt je kamer en je wacht en wacht. Het is een onzekere periode: niemand weet hoe lang hij in dat centrum blijft, waar hij naar toe gaat,  hoe lang het duurt, wanneer je mag blijven. Je weet nog niets van het land waar je bent.” Hij ziet hoe verveling alle energie opslorpt van mensen om hem heen, hoe ze apathisch worden, de moed verliezen en in het verleden blijven hangen. “Ik heb dokters en verpleegkundigen ontmoet die heel goed zijn in hun beroep. Maar hier moeten ze opnieuw aan een jarenlange studie beginnen. Dat is vernederend; het zou voldoende moeten zijn om leemten in je kennis aan te vullen. Alle vluchtelingen willen echt graag aan het werk. In hun land hadden ze een baan, konden ze voor zichzelf en hun gezin zorgen. Ze kregen waardering en hadden aanzien.”

    Nour ontsnapt aan de lusteloosheid door boeken en internet te raadplegen, door te tolken van Arabisch naar Engels voor onder meer het COA (Centraal Orgaan Asielzoekers). Internet is een welkome bron. Hij ontdekt dat Eindhoven een IT centrum is en dat het in het zuiden van het land makkelijker is om een woning te vinden dan in Amsterdam. Hij slaagt er in een klein appartement in Tilburg te vinden van een particuliere verhuurder. VluchtelingenWerk Zuid-Nederland in Tilburg, gelieerd aan VluchtelingenWerk Nederland, bekijkt het huurcontract en later het arbeidscontract. VluchtelingenWerk Zuid-Nederland begint met Nour een arbeidsparticipatie traject dat uit drie fasen bestaat (zie onderstaand kader). Nour gaat er met zevenmijlslaarzen doorheen. Zijn begeleider Egon van Lieshout hoeft nauwelijks in actie te komen. 

    Volhouden

    Nour wil vooruit in het leven. In zijn vrije tijd blokt hij op de Nederlandse taal. Hij wil het certificaat halen dat hem toegang geeft tot een universitaire studie: MBA (master business administration). “Ik  zal hier alles doen voor een beter leven. Waar ik over vijf jaar sta? Misschien blijf ik hier of ga ik verder. Ik heb de keuze niet. Als ik die wel had, keerde ik terug naar Damascus. Ik leef hier in twee werelden en die zijn moeilijk te mengen. Je moet hier helemaal opnieuw beginnen en jezelf weer uitvinden. In Syrië zijn mensen meer gericht op anderen, hier leven de mensen meer voor zichzelf. Ze zijn individualistischer en dat is goed, dat is vrij. Toch ben ik anders. De omgang met elkaar, met je werkgever, je collega’s, je buren, dat verschilt. Nee, ik heb hier geen echte vrienden met wie je alles deelt. Ik heb fijne buren, goede collega’s, maar dat is anders dan vriendschap. Wat me verbaast? Dat je zo gemakkelijk relaties kunt aangaan, met alles er bij, en die relatie ook weer makkelijk verbreekt.”

    Zijn advies voor nieuwkomers? “Het vinden van werk en een huis is heel moeilijk, maar dat geldt ook voor de Nederlanders. Als er gaten zijn in je kennis, vul die aan. Als je goed Engels spreekt, vind je wel een baan. Zo niet, dan moet je heel goed Nederlands leren. Wat heel moeilijk is dat is werken en studeren tegelijk. Gewoon proberen en volhouden. En ga werken, want dat helpt je om je een normaal mens te voelen.”

    ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
    Zodra een vluchteling een verblijfsvergunning heeft, begint SNV Brabant Centraal met een begeleidingstraject met als uiteindelijk doel arbeidsparticipatie. Vaak loopt tegelijkertijd een procedure voor gezinshereniging. Het traject telt drie fasen.

    • Allereerst wordt de huisvesting geregeld met alles wat daarbij komt kijken. Een maatschappelijk werker van SNV Brabant Centraal begeleidt het traject waarbij allerlei instanties zijn betrokken. Deze eerste fase duurt drie maanden. Een onderdeel hiervan is een uitgebreide toets in hoeverre een vluchteling zichzelf kan redden in de Nederlandse samenleving.
    • In de tweede fase wordt verder gewerkt aan de zelfredzaamheid. Een vluchteling gaat aan de slag met een inburgeringstraject. Hiernaast kan via SNV Brabant Centraal ook een ander taaltraject lopen om de taalvaardigheid te stimuleren.
    • In de derde fase onderzoekt een vluchteling met hulp van een arbeidscoach van SNV Brabant Centraal zijn specifieke mogelijkheden op de arbeidsmarkt. Dat kan een werkervaringsplek, stage, vrijwilligerswerk of een betaalde baan zijn.

    ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

    Geschreven door journaliste Joke Knoop

  • Arbeidscoach - Rob Voermans

    Bob Voermans (31) is zelfstandig ondernemer en was daarnaast Arbeidscoach bij SNV Brabant Centraal. "Mijn webshop loopt goed, maar ik wilde graag iets betekenen voor een ander. Ik heb voor dit werk gekozen, omdat het goed is te combineren met mijn huidige baan. Ik kan mijn tijd zelf indelen en heb veel zelfstandigheid."

    Afwisselend werk

    Bob begeleidde vanuit de locatie Tilburg in totaal drie cliënten bij het zoeken naar een werkervaringsplek gericht op persoonlijke verzorging. Hij begeleidde deze deelnemers, omdat hij zelf in die sector werkzaam is. Zo kon hij zijn eigen kennis en ervaring inzetten voor een ander. Het werk is heel afwisselend. "Allereerst heb je een intakegesprek met een cliënt en ga je samen kijken wat die persoon wil en kan doen. Daarnaast help ik bij het schrijven van sollicitatiebrieven en benader ik bedrijven om te vragen of ze een werkervaringsplek hebben."

    Voldoening

    Het gaf hem voldoening om deze mensen vooruit te helpen. "Cliënten maken tijdens het traject dat ze doorlopen een heel bewustwordingsproces mee, ze leren zichzelf kennen en wat ze kunnen." Zo wilde één van mijn deelnemers graag stage lopen bij een kapsalon, maar zij is afgewezen, omdat haar taalkennis niet voldoende was. Nu is zij intensief Nederlandse taallessen aan het volgen en proberen we het later in het jaar nogmaals." Het contact met de cliënten was ook een reden voor Bob om dit werk te doen. "Ik word er wijzer door en mijn leef- en werkomgeving wordt er door verrijkt. Ik vergelijk het altijd met als ik zelf naar het buitenland ga, dan waardeer ik het ook als mensen mij gastvrij ontvangen en op weg helpen."

    Lees meer over de functie van een Arbeidscoach.

Deel dit met anderen