vrijdag 23 maart 2018

Gemeenten: Kijk zakelijk, handel praktisch

Het is al jaren een goed voornemen vluchtelingen zo snel mogelijk aan een baan te helpen, maar niet overal gaat dat even goed. Het economische klimaat en de krapte op de arbeidsmarkt zorgen nu voor wind in de rug. Vanzelf vaart er echter niets, het wordt tijd de zeilen bij te zetten. Onze projectleider arbeidsparticipatie Radboud Fransen denkt graag mee over een nieuwe koers voor een nieuw gemeentebestuur (en heeft wel wat tips).

De grote toestroom van vluchtelingen zorgt bij gemeenten voor een neiging in snelle, grote oplossingen te denken. De ervaring leert echter dat je beter niet op grote aantallen moet inzetten, maar vooral individuele succesjes moet vieren.
Het gaat niet om snel, sneller, snelst. De gevoelde druk om in het kader van het draagvlak voor vluchtelingen betere cijfers te scoren op het gebied van de arbeidsparticipatie is te begrijpen, maar mag niet leiden tot haast- en broddelwerk.
Alles draait om maatwerk. Onze ervaring is vooralsnog dat we daarvoor bij het MKB moeten zijn. We hebben mooie voorbeelden genoeg. Neem Bassel uit Damascus die in juni 2017 op aanraden van zijn arbeidscoach van VluchtelingenWerk Lisse de plaatselijke Pearle binnenliep en zichzelf aanbood. Het leverde een prachtige match, een succesvolle stage en louter blije gezichten op.
Of neem het verhaal van Henk Luteijn, directeur van ProTech in Goes. Hij vroeg tijdens de grote Zeeuwse bedrijvenbeurs Contacta bij de stand van VluchtelingenWerk een enthousiaste statushouder langs te sturen. Mansoor kwam, zag en overwon. ‘De kans is best groot dat ik bij de volgende Contacta de stand van VluchtelingenWerk weer binnenloop met de vraag: Stuur er nog maar eens één’, zegt Luteijn.

Directiekamer

De grote bedrijven? Ook zij krijgen straks te maken met de schaarste op de arbeidsmarkt. Ook daar zal het besef gaan leven dat statushouders waardevolle werknemers kunnen zijn. Maar in een hiërarchische, bedrijfspolitieke omgeving gaat het vaak wat minder snel, zo is onze ervaring. Soms ook zijn de ideeën over mogelijkheden en onmogelijkheden op de werkvloer anders dan in die directiekamer.
Van belang is in ieder geval dat statushouders zich welkom voelen op de werkvloer en dat ze goed worden begeleid. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ze vrijwel nooit meteen, zonder extra inspanning, aan de slag kunnen en vanaf dag 1 even productief zijn als hun collega’s. Dus directies: stel de targets tijdelijk iets naar beneden bij; investeer in de nieuwkomers.

Rekensom

Ook de grote bedrijven zullen stappen in de goede richting zetten. Het is een kwestie van tijd, lijkt ons. In de tussentijd pleiten we ervoor dat gemeenten echt de politieke wil tonen werk te maken van banen voor vluchtelingen. Kijk er eens zakelijk naar en maak een rekensom. Iemand in de bijstand kost, als je de begeleiding meeneemt,  jaarlijks ruim 20.000 euro. Stel dat je in je gemeente tien werkloze statushouders hebt. Het lijkt ons dan een goede investering om te kijken of je een eindeloze kostenpost van jaarlijks twee ton kunt voorkomen.

Gemeenten: Kijk zakelijk, handel praktisch. Investeer in de statushouder, op weg naar werk, maar ook in het fijnmazige netwerk van de sociale dienst of van onze arbeidscoaches. Zet de deur wijd open voor het MKB, of liever: ga zelf op stap. Ga er kennismaken en zaken doen. Dus denk niet te groot; houd het klein en persoonlijk.

 

‘U heeft een tekort, wij hebben deze duizend enthousiaste statushouders in de aanbieding.’

De schaarste op de arbeidsmarkt zorgt voor veel positiviteit rond de arbeidsparticipatie van vluchtelingen. Je bent snel geneigd te roepen: er komen kansen, het bedrijfsleven heeft deze groep hard nodig. Zo ontstaat het droombeeld van een bemiddelaar die met een aktetas met duizend dossiers naar de grote zorginstelling stapt. ‘U heeft een tekort, wij hebben deze duizend enthousiaste statushouders in de aanbieding.’ Eenmaal, andermaal verkocht.
Dat klinkt mooi, maar wij kunnen er nog geen mooi voorbeeld bij bedenken. En wel hierom: het is niet een map met 1000 mensen die allemaal naadloos in een eenheidsprofiel passen en je dus zo in een zorg-, techniek- of binnenvaarttraject kunt ‘wegzetten’. Het gaat om duizend individuen. Je kunt als werkgever een bepaald taalniveau eisen, waardoor veel vluchtelingen misschien niet geschikt lijken. Maar in de praktijk zien we dat bij een persoonlijke kennismaking en een kop koffie de werkgever dat misschien iets lagere taalniveau aan alle kanten gecompenseerd ziet door andere talenten. Dan kijk je daar doorheen en durf je het, misschien na een korte snuffelstage om de koudwatervrees weg te nemen, wel gewoon aan.

Voor meer informatie of vragen, mail Radboud Fransen: rfransen@vluchtelingenwerk.nl

Deel dit met anderen

Kom in actie voor vluchtelingen op Koningsdag 2018