Inburgeren in Delft is zoveel meer dan woordjes leren

Taalles, een buddyprogramma, masterclasses. Plus een introductie in het studentenleven. Inburgeren op de TU Delft is keihard studeren, maar ook leren sjoelen, bowlen en haring eten.

Een groep van zestien ambitieuze cursisten – vooral hoogopgeleide twintigers – bereidt zich momenteel in Delft zich voor op het Staatsexamen. Het is het vierde jaar dat VluchtelingenWerk en Engineers for Refugees deze intensieve onderwijsroute (‘Van Nul naar B2-niveau in 36 lesweken‘) aanbieden. Engineers for Refugees (E4R) is een initiatief opgericht door studenten van de TU.
De cusisten studeren in Delft op de campus, tussen de leeftijdsgenoten. Ze leren dankzij de betrokken inzet van buddy's de stad, het studentenleven en het Nederlandse onderwijssysteem kennen. Maar er zijn ook sjoelavonden, ze leren banden plakken. Er was onlangs een bake-off appeltaarten bakken, met Sinterklaas moesten ze gedichten schrijven en ze kregen op een excursie te zien hoe ‘Delfts Blauw’ er uitziet. En dat alles in het kader van het Buddyprogramma, dat de studenten van E4R verzorgen.

Pittig

Daarnaast zijn er de Masterclasses. Vorige maand ging de groep op bezoek bij Shell. In de middag was er een sollicitatietraining. Eerder waren er trainingen ‘presentaties geven’ en andere bedrijfsbezoekjes. ‘Waar er op gewone inburgeringslocaties 8 uur les wordt gegeven, krijgen deze cursisten 16 uur per week. Met daarbij dus nog al die extra’s. Het is pittig. Maar er wordt naast hard geleerd dankzij de enorme betrokkenheid en enthousiaste inzet van de studenten van de TU gelukkig ook regelmatig heel veel lol gemaakt’, aldus Christa Drent, teamleider van onze inburgeringslocatie in Delft.

Techneuten

In de vierde groep in Delft zitten opvallend veel Jemenieten. In de voorgaande edities vormden Syriërs de hoofdmoot. Techneuten trekken techneuten: veel van de cursisten hopen hier straks een technische studie te gaan volgen. Maar dit traject is zeker niet alleen voor hen bestemd. Drent: ‘Iedereen is welkom. We hebben ook deelnemers met een verpleegkundige en journalistieke achtergrond.’
De leuke dingen zijn even geschrapt. Zo gaat dat soms, in het studentenleven. En dus ook bij deze inburgeraars. De sjoelbakken hebben plaatsgemaakt voor studieboeken. De zestien cursisten bereiden zich voor op een tussentijdse toets.

 

'Als je met vrienden Nederlands praat, is het minder erg een foutje te maken'

Het was spannend donderdag 5 maart voor de zestien cursisten op de faculteit Luchtvaart- en ruimtevaarttechniek TU Delft: de jonge, ambitieuze cursisten maakten de tussentijdse toets. Na de toets, die bestond uit een schrijf-, luister- en spreekgedeelte, had een aantal cursisten wel even tijd om hun bevindingen over het traject te delen.

Hatim uit Jemen

Hatim (foto hierboven) is 23 jaar, komt uit Jemen en woont nu op zichzelf in Wassenaar. Voor de cursus reist hij elke dag 1,5 uur van Wassenaar naar Delft. ’Ik wist het eerst nog niet, maar reizen vind ik echt niet leuk.’ Bij de vraag wat hij het leukste aan het traject vindt, antwoordt hij vol overtuiging: bowlen. De deelnemers zijn aan het begin van het traject gaan bowlen om elkaar op een leuke manier beter te leren kennen. Maar het leren van de taal is natuurlijk ook erg leuk. ‘Het buddyprogramma is goed, ik heb drie buddy's en het is heel gezellig.’ Verder heeft Hatim ook al kennis gemaakt met verschillende steden in Nederland. Rotterdam beviel hem het best. ’Het is heel modern en anders dan de andere steden in Nederland.' Na dit traject wil Hatim sowieso nog verder studeren. Vooralsnog denkt hij aan verpleegkunde.

Nada uit Palestina

Nada (23) komt uit Palestina. Ze heeft al een opleiding journalistiek afgerond en is ook werkzaam als journalist en presentator. Later wil zij nog de Master Digital Media And The human behavior volgen. Het traject vindt zij heel goed, maar wel moeilijk. Het leukste is het buddysysteem. ’Het is erg belangrijk om te blijven praten met je buddy’s. Zo leer je de taal sneller en beter.’ Op de vraag wat de deelneemster van de Nederlandse cultuur vindt, vertelt ze: ’Nederlanders zijn heel erg direct. Dat is fijn, want dan weet je gelijk wat er gedacht wordt en wat mensen vinden.'
Wel zou Nada meer Nederlanders om zich heen en in de klas willen. Dan word je namelijk meer gedwongen om Nederlands te spreken en leer je het beter.
De leukste stad in Nederland vindt ze Amsterdam. ’Daar zijn veel toeristen en er gebeurt van alles op het gebied van media.’ En dat is waar Nada in de toekomst verder mee wil.

Ahmed uit Jemen

Ahmed is 22 en komt net als Hatim uit Jemen. Elke dag komt hij op de fiets naar de TU Delft. Ahmed is een muziekproducer, hij wil ook in Nederland met de artiestennaam Pro.Haj in die richting verder. Tussen de lessen van het E4R programma door maakt hij in zijn vrije tijd graag zijn eigen muziek. Wat bijzonder is, is dat Ahmed ook muziek gebruikt om aan zijn Nederlands te werken. ’Ik luister naar Nederlandse rappers om de taal beter te leren. Ik snap niet alles wat zij zeggen, maar soms begrijp ik het wel!’
Ook Ahmed heeft al kennis gemaakt met de Nederlandse tradities en cultuur. Naast dat hij elke dag fietst, heeft hij natuurlijk haring ‘moeten’ eten. ’Dat was echt heel vies! Maar friet vind ik wel lekker.’ Ook Ahmed is positief over het buddysysteem. Op deze manier leer je makkelijker en relaxter de taal. Als je met vrienden Nederlands praat, is het minder erg een foutje te maken. Dat werkt volgens de deelnemers beter dan met een docent praten. Verder is Ahmed erg positief over Nederlanders: ’De mensen hier zijn heel vriendelijk. Ik heb het gevoel geen outsider te zijn en voel me welkom.’

dinsdag 10 maart 2020